vrijdag 8 mei 2015

Op pad naar Frans Polynesië I

Zondag, 19 april.

Na een lekker ontbijt met eieren gaan we om 09.45 anker op. Aan de horizon de diverse buien, we zullen wel zien wat het weer gaat brengen. De start van onze langste oversteek en dagen op zee tot op heden.
Gisteren nog een laatste keer naar het dorpje, bij onze favoriete "Shwarma Hut" een falafel wrap met milkshake gepakt en 's avonds een gezellige sundowner bij ons aan boord samen met de Toccata, Nelly Rose, VOLO en Boxing Kangaroo. De komende dagen zal iedereen op weg gaan naar zijn volgende verre bestemming en dan zo'n 3 weken op zee zitten.


Peter, Annie, Max, Sandy, Brecht, Niels, Saskia, Brad, Pim, Hanneke, Lynn en Mar aan boord van de UnWind.

De Tamata en de Q zijn respectievelijk op vrijdag en zaterdag al vertrokken en de VOLO zal op maandag het ruime sop kiezen. Al deze boten hebben dezelfde bestemming Gambier Archipelago en we zullen ook dagelijks radiocontact hebben. Het zal interessant en handig zijn om wind en weer met elkaar te delen. De middag brengt ons een mooi windje en kalme zee, maar met het vallen van de avond valt ook de wind en moet de motor aan. De zee is warrig en knobbelig en is net een wasmachine, niet prettig! Van voorslapen komt niet veel.
Het is nieuwe maan, dus donkere nachten, maar de trip zal lang genoeg duren om de maan weer te kunnen zien.


Zonsopkomst op de Pacific.

Maandag, 20 april.

Net na middernacht trekt de wind aan en gaan de zeilen omhoog. Heerlijk, de boot krijgt weer vaart en ligt weer in balans. Dit betekent weer normaal slapen voor degene die af is.
We hebben 's morgens contact met het "Gambier net" en alles is bij iedereen goed. Voor de lunch probeer ik een recept van Kate uit: scallion pancakes. Lijkt me lekker bij de tonijn, gekregen van Brad van de Tocatta. Niels had hen geholpen met de SSB radio.
In de middag komen de buien. Regen, wel wind, geen wind. Rif erin, rif eruit. Zolang het licht is, is het geen probleem, je ziet de buien aankomen. Het wordt zo grauw, dat het wel een winterse dag lijkt, behalve de temperatuur dan. 
De hele avond en nacht tobben we -met name Niels- om de koers en zeilen aan te passen om de UnWind lopende te houden of in te tomen als de wind in een keer doorschiet naar 22 knopen. Het zijn van die nachten die iedereen wel krijgt, maar die je snel moet vergeten anders verkoop je subiet de boot en stop je met cruisen.

Dinsdag, 21 april

Veel slaap hebben we dus niet gehad en ik ben dan ook niet de vrolijkste. Helemaal als mijn bakje yoghurt, door een golf, over het aanrecht uitstroomt. Bluuh, bij elkaar schrapen en terug in het bakkie. Honger maakt rauwe bonen zoet en daarbij komt dat de yoghurt schaars was en duur!
De wind is inmiddels aangetrokken tot boven de 20 knopen. De buien trekken langzaam weg, maar de windrichting is in ieder geval constant. De zee is ruw, maar volgens de gribfiles duurt dit tot middernacht. Nou, daar valt mee te leven. Je ziet tientallen vliegende vissen over het water scheren als ze ons zien of horen aankomen. Regelmatig slaat er een verkeerd af en belandt bij ons op dek.
Tijdens het net horen we dat iedereen last heeft gehad van de buien. Vooral de Tamata heeft 30 knopen wind en onweer gehad, waarschijnlijk zaten wij aan de rand van het buiengebied.
We varen halve wind en dan wil de UnWind wel lopen, maar door de flinke deining krijgen we zo nu en dan een flinke zet van opzij. 
Met dit soort zeeën is het midden van de boot het meest stabiel. Het slingerzeiltje wordt dan ook tevoorschijn getoverd en bevestigd aan de tafel. Zo creëren we een zg. slingerkooi (smal bed, waar je niet uit kunt vallen) en je goed kunt liggen/slapen.
De deining zorgt er ook voor dat het binnen in de boot behoorlijk werken is. Simpele dingen zoals naar de wc gaan: zo zit je op de pot en bij de volgende golf is het hopen dat je er nog steeds op zit.
Als een cowboy loop ik in de bediening met de koffie en ander spullen, volgens mij noemen ze dit zeebenen? Gelukkig had ik gisteren nog een grote pan bonensoep met worst gemaakt. Nu net een kwestie van opwarmen. Voor de avond dis wordt het de koude keuken met een ijsje toe en dat in de tropen. Met de zonnepanelen en de windgenerator maken we met dit soort weer genoeg eigen stroom en toppen daarmee de accu's op. Heerlijk, geen geluid van de generator of motor, alleen van de zee.

Woensdag, 22 april

De wind blijft al uren uit dezelfde richting komen, alleen de kracht vermindert naar 18 knopen. Heel relaxed hangen we om beurten onze wacht uit. Kookwekker bij de hand en hazenslaapjes tussendoor. We hebben de nacht geen zeilwisselingen en even later in de morgen gaan ook één voor één de riffen er uit. We hebben weer alle zeilen bij.
Elke morgen vinden we weer de nodige, dooie, vliegende vissen in het gangboord. Sommige zeilers eten ze! Geef mijn portie maar aan de kat -die we niet aan boord hebben- dus terug in zee ermee.
Als we om 12.00 uur de positie in de kaart plotten zien we een daggemiddelde van 204 NM, dat schiet lekker op! Vandaag een makkelijk dagje, het restant van de tonijn op het menu samen met mihoen. 

Donderdag, 23 april

We boffen, de wind komt uren uit dezelfde richting, wat het leven zoveel makkelijker maakt.
Het radionet is een welkome afwisseling. Naast de koers en vaart ook het slap geouwehoer over het menu van de dag en of de tros met bananen -die iedereen heeft gekocht- al rijp is... Maakt allemaal niet uit, het daagt je uit om nieuwe dingen te maken van bananen en ook het gevoel niet helemaal alleen op die enorme plas water te zijn.


Mag het iets meer zijn mevrouw?

Over bananen gesproken: Iedereen heeft kammen met bananen gekocht en ook bij iedereen worden ze tegelijk rijp. De tros bij ons hangt stiekem groen te wezen, terwijl er minstens 20 van de ruim 90 al rijp zijn. OK, dit is de start van bananencake, bananenshake, bananenbrood en bananen tarte tatin. Het kan niet missen dat er in de omtrek van 100 NM een bananenspoor te volgen is.
Ook weer radiocontact met de Betty Boop gehad. Zij zitten zo'n 1200 NM van Gambier af en hebben nauwelijks wind. De zeilen klapperen alle kanten op en zij zijn al zo'n 24 dagen onderweg. De motivatie is ook ver te zoeken. Heel begrijpelijk, wij zouden er bloed chagrijnig van zijn, maar wij zijn er ook nog niet....
Niels haalt dagelijks de gribfiles en weer routering op en baseert hier de te volgen koers op. Er zijn diverse mogelijkheden om van A naar B te komen en allemaal geven ze een andere mogelijkheid op, dus besluit Niels om zijn eigen koers te varen (wat hij eigenlijk altijd doet...). De eerste dagen volgden we de zg. rumbline (de rechtstreekse lijn naar de bestemming) aan de zuidkant, maar nu gaan we meer naar het westen om de rumbline te kruisen en er ten noorden van te blijven. We verwachten daar meer wind te vinden en te houden. Ook verwachten we dat de wind in het laatste gedeelte meer oostelijk zal zijn en we als we wat meer naar het zuidwesten afbuigen we de wind onder een betere hoek binnen krijgen, maar het blijft het weer en dat weet iedereen: 't kan vriezen en 't kan dooien. 
Inmiddels staat het asymmetrische oranje monster met Nederlandse 3 kleur weer omhoog en trekt ze ons met 7,5 knoop naar het westen, op weg naar Gambier. Het blijft altijd een prachtig gezicht zo'n enorme lap kleurig doek op de blauwe oceaan.

                     

Onder spi en vol grootzeil op de Pacific. Meer vierkante meters doek dan dit hebben we niet.

Vrijdag, 24 april

De hele nacht onder ideale omstandigheden kunnen varen. Het oranje gevaarte heeft aan de 7,5 knopen wind voldoende om vol te blijven en het zeetje is vlak. Hard gaan we niet, maar het is even heerlijk om zonder helling te kunnen slapen. 
In de morgen trekt de wind aan tot 16 knopen en lopen we als een trein. De voorspelling is nog meer wind, dus halen we de spinnaker eraf en gaan we over op de normale genua waar we nog steeds 8 knopen snelheid mee halen. Het is een prachtige dag met een onbewolkte lucht.
Voor ontbijt, geen verrassing, een bananensmoothie met passievrucht. Het bladerdeeg is uit de vriezer, dus daar wordt straks de tarte tatin mee gemaakt. Gelukkig is zoetigheid geen straf voor ons.
Tijdens het net horen we van de problemen van de Nelly Rose. Zij zitten zo'n 300 NM onder Galapagos en zijn tot de ontdekking gekomen dat hun stuurboord trekstang, die de verstaging ( de stalen draden die de mast overeind houden ) vanaf het dek naar de romp verbind is gebroken. Dit is een serieus probleem, want de mast hangt nu meer aan het dek te trekken. Ze hebben hun grootzeil naar beneden en maken een noodverbinding met spectra lijn om de boel te verstevigen.
Ze gaan door naar de Marquesas hun originele bestemming, maar wel met geknepen billen en nog 2500 mijl te gaan. We proberen ze te steunen met email, maar ja dat lost hun probleem niet op. Het zet je wel weer aan het denken dat er maar iets hoeft te gebeuren op zo'n onmetelijke plas water zonder hulp........ 

Zaterdag, 25 april

De wind is toegenomen tot 18 knopen en de zee is hierdoor een stuk rommeliger. 
Het gebakken eitje voor het ontbijt is dan ook meer schaften dan netjes eten. Het ontbreekt aan een bouwvakkers bilspleet, anders was het plaatje compleet geweest.
Over eten gesproken, vandaag hamburgerdag dus moet Niels aan de bak. Joehoe, een "vrije kookdag" voor mij. Het brooddeeg staat te rijzen voor kleine broodjes en een normaal brood.
In de middag passeren we de 1000 NM, een derde van de trip zit erop!
Bij het noteren van de positie van 18.00 staan bij de bootsnelheid streepjes ipv getallen. Wat nu weer? De snelheid wordt gemeten via een sensor in de romp dmv een peddelwieltje. Zou deze geblokkeerd zijn? Voorin de punt kun je hem van binnenuit eruit halen en controleren. Altijd een spannend moment, want het is alsof je een stop uit het bad trekt. Alleen komt het water naar binnen ipv dat het via het putje eruit loopt. Aan het peddelwieltje is niets te zien, dan maar in de software duiken en daar blijkt het euvel te zijn. Een paar wijzigingen en het werkt weer als vanouds.







zaterdag 18 april 2015

Galapagos III


Gelukkig kost niet alles hier geld en maken we een mooie wandeling naar het National Park. Op het midden van de dag, dus afzien en zweten, lopen we de ruim 20 km heen en weer naar de " Wall of Tears". Onderweg lopen we langs de ondergelopen stukken land en mangroves, later verandert de vegetatie in een soort van fijnbos met veel cactussen. Over het smalle zandpad komen we diverse schildpadden en Marine Inguanas tegen.


It's a long road to fame.


Echt wegrennen kunnen ze niet, dus als ze het zat zijn wordt alles ingetrokken.


Ik kan er geen genoeg van krijgen.

In de jaren na de 2e wereld oorlog was Isla Isabela een strafkolonie voor politieke gevangenen en in deze periode is de muur gebouwd door de gevangenen. 


 "Muro de las Lagrimas"


We lopen het luie zweet eruit. Ver op de achtergrond Isla Tortuga waar we gedoken hebben.





Happy Hour met Brad en Saskia aan het strand van Villamil.

Vrijdag 17 april

Terwijl we op de boot staan te wachten voor de snorkel trip naar Los Tuneles  komt onze Rob aan gezwommen met zijn catch of the day.


Trots als een Pauw laat hij (of zij) de vangst bekijken.

Vrijdags gaan we samen met Brad en Saskia snorkelen bij Los Tuneles. Na een boottocht van drie kwartier -een niergordel was geen overbodige luxe geweest- komen we aan bij de tunnels, gevormd door lava uitbarstingen, afkoeling en water. We zien daar voor het eerst de Blue Footed Boobies. 

 
Even laagvliegen met 2 keer 200PK naar de "tunnels".


Het zeetje onderweg is ontstuimig.


De lava tunnels waar we gaan snorkelen en op zoek naar de Blue Footed Boobies.


Alsof het een figuurtje is van Walt Disney, maar die blauwe flippers zijn echt!


Als de zg. juveniles, lees puber, is het hard oefenen om indruk te maken. 


Hoe ouder de Boobie, de blauwer de vliezen.





Snorkelen bij de lava tunnels.


Opgedoken, maar alleen voor de foto.


De robben blijven prachtig theater maken.


Niels heeft een onderonsje met een Pinquin.
 

Snorkelen met de reuze zeeschildpadden bij Cabo Rosa


Een zeepaardje, maar niet goed te onderscheiden.

We krijgen in de namiddag onze Zarpe voor Frans Polynesië. 
Het plan is om zondag de grote stap te gaan maken. We hebben dik 5500 kilometer voor de boeg, maar eerst nog een afscheidsborrel aan boord van de UnWind.







donderdag 16 april 2015

Galapagos II


Hoog in de mast een fregat vogel.


Elke morgen schuren ze je romp schoon en blijft het een feest om ze te zien.

Op zondag gaan we met een hele groep zeilers de hooglanden in. Er zit daar een verdwaalde Oostenrijker Gauser genaamd met een restaurant. We eten er heerlijk en bezoeken een naastgelegen farm, waar de groente en fruit letterlijk voor je uit de grond wordt gehaald. Het is nog te vroeg om nu al spullen te kopen, dus plannen we later in de week nog een bezoek. 


Zeilers gaan op "sjiek"

Zoals elke zeilboot die hier ligt willen ook wij onze diesel voorraad aanvullen. Geen probleem voor onze J.C. Het is een heel gedoe of hij maakt het ervan. Eerst moet het aangevraagd worden bij de Port Capitain en na goedkeuring mag het besteld worden. Na uiteindelijk 2 dagen stand-by te hebben gestaan krijgen we het verlossende woord. We mogen met onze jerrycans naar de kade komen, aldaar met een taxi naar de normale benzinepomp. Daar betaalt de lokale bevolking $1,43 per gallon, maar wij moeten $3,07 aftikken. Daar blijft het niet bij, want J.C. moet er ook nog iets aan overhouden, dus komt er nog $1,00 per gallon bij. Beter duur, dan niet te koop.....


Op het eiland is een landschildpadden centrum opgericht wat zowel door particulieren als overheden en WNF wordt gesteund. Het was nodig want uiteindelijk waren er nog maar 4 exemplaren over. Ze werden in vroeger tijden meegenomen door de bemanning van schepen die Galapagos aandeden, omdat ze in de ruimen lang houdbaar waren als vers vlees. Ze worden nu heel voorzichtig uitgezet, maar alleen als ze min of meer volwassen zijn en dat duurt net zo lang als dat ze zich voortbewegen....
Hun grootste vijand nu zijn de dieren die van buitenaf (vaak ook door schepen) aan land zijn gebracht.


Het wordt steeds gezelliger op de ankerplaats. We borrelen bij VOLO, een zelfgemaakt aluminium zeiljacht met vele slimme details. Max en Sandy zeilen al dik 30 jaar rond op deze aardbol en er is weinig wat ze nog niet hebben gezien. 
Inmiddels is de Toccata (Brad, Saskia, Peter en Annie) aangekomen en het is lekker om weer te gesels met die Suid Afrikaners. Het ZA Engels klinkt vertrouwd en als vanouds in de oren.
In plaats van een vulkaan te beklimmen, besluiten we dit keer om er in een af te dalen. We zijn alleen met de guide Ulise en samen met hem gaan we naar de Sierra Negra Vulkaan. Daar in de hooglanden heeft hij een stuk grond van 19 hectare, waar drie vulkanen zijn. In een ervan kun je afdalen tot zo'n 150 meter. Het is een prachtig gezicht met de zonnestralen die door het gat naar beneden schijnen. We krijgen een tuigje, met bergbeklimmerslijn eraan, vast uitgereikt voor de afdaling. Een onfortuinlijke koe heeft er jaren geleden zijn graf gevonden en ligt verspreidt over de lavastenen. Door de regenval is het een modderige bende om in af te dalen, maar het mag de pret niet drukken.











Aanhaken en gaan. 





Terug in Villamil blijkt dat er een trip naar de groente en fruit farm is geregeld, dus ga ik als een speer terug naar de boot voor mijn lijst en tassen. Nog vol modder stap ik in de pick-up voor weer een rit naar de hooglanden. Iedereen heeft goed kunnen inslaan en met tassen vol komen we terug. Net voor Villamil arriveren de regenbuien boven ons, die een enorme hoeveelheid water in zich hebben. Bij het dinghy dock is het zicht helemaal dichtgeslagen en zijn de zeilboten verdwenen. De bijboten staan ook vol en er valt niet tegen op te hozen. Als verzopen katten komt iedereen aan bij zijn boot. In deze hoosbuien is ook de Nelly Rose aangekomen en probeert een plekje tussen de boten te vinden. 
Het weerhoudt ons niet om samen met Pim en Hanneke bij de Toccata te gaan borrelen. Het is reuze gezellig, we horen de mooie verhalen en andere ervaringen van beide schepen. Cherry on top: we eten de onderweg zelf gevangen tonijn van Brad. Wij hadden niets gevangen.....


Alles is direct schoongespoeld. Verser dan dit kan niet.



zaterdag 11 april 2015

Galapagos

Woensdag, 8 april 

De gele quarantainevlag hangt weer in het want en het wachten is begonnen.
Aan het begin van de middag krijgen we het eerste bezoek: 2 man van de Marine en de dokter. Er wordt weer een hoop genoteerd en geschreven, waarna we J.C. kunnen oproepen. Na een bezoek aan de kant, waar we vreselijk moeten lachen om de robben, die daar heer en meester zijn. Ze liggen op en onder de banken die voor toeristen gemaakt zijn en maken geweldig theater om het beste plekje te krijgen en te behouden.
Terwijl J.C. een heel verhaal afdreunt over wat er nog gaat komen, wat er wel en niet mag, komen er de nodige toeristen langs. Iedereen wil het beste plaatje van de robben schieten en probeert zo dichtbij als mogelijk te komen. Tot dat er dan een brult en klaagt en dan springt zelfs de grootste kerel een meter achteruit. Dit herhaalt zich elke keer als er nieuwe toeristen voorbij komen.
Helaas zijn we nog niet vrij om te gaan en staan waar we willen. We moeten officieel nog aan boord blijven, aangezien er nog inspecteurs van andere departementen langs moeten komen. Wanneer? Van JC krijgen we te horen manana. Dit duurt ons te lang en we gaan gewoon de wal op.


Even kijken voor het beste plekje.


Stoelendans rondom de preekstoel.


The eagle had landed.

                    

Zo, die zit.

Op donderdag blijkt er weer niets te gebeuren en ondanks dat we "boot" arrest hebben, gaan we de wal weer op.     
We nodigen Max en Sandy van de "VOLO" en Matt en Kate van de "TAMATA" uit voor een sundowner. Beide boten van Aussies. De VOLO zit in hetzelfde wachtlokaal qua inklaren, dus gedeelte smart....


Geen bijboot of open spiegel is veilig.

Het is een drukte van belang rondom de boot. We hebben dik 20 zandhaaitjes, die samen met de pelikanen en robben hun buik vol eten aan de enorme scholen vis. Het is even wennen met het zwemmen rondom de boot want voor je het weet heb je een nieuwsgierige Rob naast je. Ze zijn totaal niet schuw en maken er zelfs een spel van. Ondanks dat schrik je toch.


Eindelijk komt er schot in en op vrijdagmiddag wordt de klus geklaard en mogen we los.

Dan op vrijdagmiddag het verlossende woord van J.C. Om 14.00 zal de rest van de inspectie afgerond worden. Alles verloopt soepel, helemaal als we achteraf de verhalen van sommige andere boten horen, die ingeklaard hebben op San Cristobal. Wel blijf je je afvragen of dit allemaal wel zo nodig is. 

Zaterdag, 11 april



Samen met Matt en Kate gaan we duiken met de plaatselijk duikschool bij Isla Tortuga. Het worden, niet gelogen, fantastische ervaringen. Direct zien we de grote zeeschildpadden, zwart witte manta rays met spanwijdte van 2,5 - 3 meter, de Galapagos haai, de Hamer haai, zeeleeuwen en scholen met diverse vis. Allemaal zo dicht bij, dat je voor je gevoel ze kunt aanraken. Weer die donderse robben, die je amper in je gezicht kussen. Je voelt en ziet zelfs de thermische laag van koud en warm water alsof je in ijs of kokend water duikt. Helemaal de tweede duik voelt frisser aan en ben ik blij met het tweede laagje onder mijn wetsuit. De oorzaak is bekend. De bekende Humboldt stroom stroomt vanuit het verre zuiden noordwaarts langs de Zuid Amerikaanse westkust en buigt af naar het westen net onder de evenaar. Heel veel organismen en voedsel wordt daardoor uit de zuidelijke oceaan meegenomen evenals de kou op grotere diepten welke zich mengen met het relatief warmere water rond de evenaar. Wanneer dit fenomeen verstoort wordt spreekt men van het El Nino effect en heeft grote gevolgen voor het weer hier, maar ook elders in de wereld. In eerste instantie was 2015 een jaar met een verhoogd El Nino risico, maar gelukkig is dit afgezwakt. Het zorgt er wel voor dat vele cruises in de Caribbean hun trip naar de Pacific hebben uitgesteld.





Pinguïns bij de ankerplek.

donderdag 9 april 2015

Oversteek Panama richting Marquesas.

Dinsdag, 31 maart

Vanmorgen vanuit Isla Espiritu Santo, Las Perlas eilanden, vertrokken samen met de Betty Boop en Nelly Rose. Ieder zijn eigen bestemming, maar voorlopig allemaal richting de Galapagos, hopend op wind. We hebben nog leuke sundowners met elkaar gehad en dan nu afscheid. Wie weet waar we elkaar weer zullen zien!
De wind overdag was niet veel en met de variabele winden weten we weer wat zeilen betekent....


De Boop sloop en de Nelly Rose.

Het is vier uur in de morgen tijdens onze eerste nacht op zee richting de Maquesas. Het is fris, ondanks dat we dan zogenaamd op de Pacific zitten. Is het overdag de schaduw opzoeken en zo min mogelijk aan, nu gewoon trainingsbroek en sweater met capuchon. 
Appie, de stuurautomaat, doet het weer geweldig, terwijl Niels en ik om beurten de wacht draaien en wakker proberen te blijven. Het is altijd weer inslingeren om het ritme te krijgen. Sta/lig je op wacht weet je van ellende niet hoe je wakker moet blijven, ben je af houden de geluiden benedendeks je wakker. De bijna volle maan is verdwenen achter de horizon en er komt een prachtige sterrenhemel te voorschijn. 
Op de AIS zie je de grote schepen van en naar Panama gaan. Achter ons vaart het zeiljacht "Flying Cloud" met dezelfde koers als ons richting de Galapagos eilanden waarvan we nog steeds niet hebben besloten of we ze aandoen of doorvaren.
We hebben gelukkig de beloofde wind en zelfs met een rif in beide zeilen lopen we 9 knopen. We hebben 1,5 knoop stroom mee als bonus, dus de wat trage start wordt nu goed gemaakt.

Woensdag, 1 april 

We hebben ons aangemeld bij het Panama - Pacific net op de SSB. Elke morgen om 09 uur krijg je het weerbericht en hoor je waar andere zeilers en de wind zich bevinden. Het lijkt, oneerbiedig, een beetje op de Muppet Show. Je hoort alleen de stemmen, waar jezelf weer beelden bij fantaseert. Stemmen, zoals die twee ouwetjes op dat balkon en dan weer een piepstem, waarbij je een muisachtig wijffie, die vanuit de wc pot de radio bedient. Wat zouden ze van ons maken......
In de loop van de dag zakt de wind in en kunnen we met moeite de zeilen volhouden. Terwijl er een prachtige zonsondergang aanstaande is, staat Niels in de keuken, ja je leest het goed! Woensdag gehaktdag, dus hamburgers op het menu en die zijn specialiteit van mijn chef. Ik heb dus vandaag een makkie en zit vol ongeduld met het bestek op tafel te rammelen. 
Helaas valt de wind helemaal weg en gaat het ijzeren zeil op en motoren we zachtjes door de prachtige nacht over een gladde zee richting het zuidwesten.


Donderdag,2 april

Wind, dit woord zul je regelmatig lezen. Je hebt te veel of je hebt te weinig, het is zelden goed. Gelukkig staat er weinig deining, waardoor we niet veel wind nodig hebben om de boot te laten lopen. Vannacht konden de zeilen weer omhoog. Pech voor Niels, want die moest uit zijn bed komen om mee te helpen. Pas in de loop van de middag gaat de wind harder blazen en krijgen we dan eindelijk de 12 knopen, die sommige boten achter ons vanmorgen al hadden. 

Goede Vrijdag, 3 april 

We zijn vandaag zo druk als een klein baasje. De generator draait om de accu's op te laden en tegelijkertijd wordt er water gemaakt. Niels haalt de gribfiles op en kijkt tevreden! Ikzelf ben druk met het maken van yoghurt, toch dat boertje van buiten. De koelkast ontdooien en nakijken van groente en fruit of er geen leven in zit. Om in de Paassfeer te komen staat er een quiche op het menu. 
De wind blaast met 16 knopen lekker door en Appie vaart ons steeds verder zuidwestwaarts. Om 12.00 hebben we het dagelijkse contact via de SSB met de Betty Boop. Via sailmail sturen we berichtjes naar de NellyRose. Zo blijven we op de hoogte over het reilen en zeilen van elkaar. Op beide schepen alles goed en daar, jaloers, staat verse vis op menu. Hier wel de lijn uit, maar bijten ho maar.

Zaterdag, 4 april

Geen wind, wel wind en een vervelende korte deining gisteravond en nacht. Alle zeilen weer omlaag en dan weer omhoog. Kedeng, kedeng, dan heb ik het niet over Guus M, maar het slaan van de lijnen en giek. Gek word je er van. Dan toch maar weer naar beneden en moteren. 
Om 6 uur zitten we alle twee in de kuip, Niels heeft toch nog redelijk kunnen slapen, maar ik ben zo duf als een konijn, zelfs met oordoppen in ben ik niet aan mijn schoonheidsslaapje gekomen. 


Met blijven zitten komen we er ook niet, dus dan maar aan de slag. Het meel komt te voorschijn, vette klont boter en suiker en voila, een lekkere cholesterol verhogende boterkoek is het resultaat. Nu de oven toch warm is, gelijk maar een paasbrood gebakken. Je moet toch wat met je leven doen.....
Gelukkig trekt de wind in de begin van de middag weer aan en is het leven een stuk aangenamer op de UnWind.

Zondag, 5 april

Vrolijk Pasen!
Vanmorgen vroeg het eerste schip sinds dagen in de peiling. Het is een vissersboot met zijn werklichten aan. Ik mag hopen dat hij meer succes heeft dan wij.
Pasen op zee, eieren zoeken kunnen we achterwegen laten, ik weet toch waar ze liggen, dus gaan ze direct de pan in. 
We hebben het besluit genomen om toch de Galapagos eilanden aan te doen. Lang hebben we getwijfeld, de regelgeving en de bedragen die je moet betalen om er te mogen liggen hielden ons tegen. Maar à wel, we zullen er waarschijnlijk nooit meer komen en het schijnt toch wel iets unieks te zijn, dan maar toch. De keuze valt op het meest westelijke en grootste eiland Isabela, bekend om de reuze schildpadden. We denken dat we er op woensdag zullen aankomen.
De wind in de middag is perfect voor de spinnaker, dus die wordt uit de mottenballen gehaald. Kijken of we nog weten hoe het allemaal werkt. In een keer goed en is het Oranje boven!

Maandag, 6 april

Al 24 uur lang trekt het oranje gevaarte ons relaxed voort. Weer een prachtige nacht met een zeldzame bui erin, die gelukkig weinig voorstelt.
Overdag zien we opeens een walvis op ramkoers. Hij geeft af en toe een spuit, maar veel beweging zit er niet in. Niels wijkt uit en opeens heeft hij ons ook in de peiling en met een duik verdwijnt hij in de diepte. Je moet er toch niet aandenken, dat je 's nachts op zo'n gevaarte knalt.


We zitten weer op onze eigen helft.

De evenaar wordt in de avond gepasseerd en in afwachting zitten we weer klaar met  camera en wijntje. Het duurt altijd weer langer dan je denkt, dus Mar, de zuipschuit, heeft haar glas is al leeg voor het gebeuren.
Neptunus laat zich deze keer niet zien, volgens hem is de bemanning van de UnWind al gepokt en gemazeld.
 

Dinsdag, 7 april

Het is een onrustige nacht geweest met de nodige buien, waar veel wind, regen en weerlicht in zat. Ik heb mazzel, de eerste buien vallen terwijl ik af ben. Alles zeilen staan goed, dus ik kan blijven liggen. We racen weer door de nacht met snelheden van 11 knopen. De boot loopt alsof ze op rails loopt, zo licht en makkelijk. By the way: de spinnaker zat alweer opgeborgen  en we voeren met een uitgeboomd voorzeil. 
Om 09 uur hebben we land in zicht en hebben we Isla San Cristobal, het meest oostelijke eiland van de Galapagos, aan stuurboord. Het weer is bewolkt en toont niet het plaatje wat je voor ogen hebt. Eigenlijk moet een van ons of allebei het water in om de romp te bekijken. Natuurlijk vind ik dat de schipper moet.....
Een van de regels is dat het onderwaterschip spik en span moet zijn en geen enkel beestje, schelp of slijmsliert wordt getolereerd. Nu is onze anti fouling heel recent, dus verwachten we niets. Ook op het gebied van gescheiden afval zijn ze extreem. We doen maar aan alles mee en hopen zonder problemen een VISA te krijgen voor 20 dagen. 
De afstand van San Cristobal naar Isla Isabela is nog zo'n 100 mijl, dus het rekensommetje is snel gemaakt. Niet harder dan 5 knopen per uur, anders komen we in de nacht aan. 
We zien de fregtatvogels, dolfijnen en een heel stel kleine vogeltjes boven het water. Als ze landen lopen ze nog verder op de golven wat een grappig gezicht is. Niels heeft de vislijn er nog uitgegooid met een nieuwe zwart paarse lure eraan voor tonijn. Dit mag allemaal niet baten, ze willen niet bijten. Achteraf blijkt de lure er compleet afgebeten te zijn, volgens onze visser door een "white tip" haai, die we even daarvoor hadden gezien. Ja, ja.....

Woensdag, 8 april

Te hard zijn we zeker niet gegaan,de wind valt weer weg en wordt een hele nacht motoren op een fluwelen zee. 
Om 09.45 valt het anker bij Villamil, Isla Isabela. Er liggen 10 andere zeilboten en de nodige commerciële motorboten. De Port Captain is geïnformeerd en ook J.C., de agent, die onze papieren gaat regelen.
De ankerplek is een grote speeltuin voor de vele robben, opeens zien we een vreemd soort eend, maar dit blijkt een pinguïn te zijn. Welkom op de Galapagos.