maandag 15 juni 2015

Tuamotu, Fakarava

10 - 16 juni 2015

Wat komt alles mooi uit, op hoogwater varen we de Tumakohua pas door, 1 knoop stroom in de poeperd en we zijn weer binnen. Het anker valt voor de duikschool "Top Dive", gerund door Nikkie en Jenny. 
Zodra de bijboot en brommert weer in het water liggen gaan we direct op pad. De eerste gang is naar de duikschool waar we 2 duiken boeken voor de volgende dag.
Er is een resort, Tetamanu genaamd naar de pas, waar de huisjes op palen staan. Een droomlokatie voor honeymooners. Het restaurant staat verderop in het water en zowaar kunnen we er boeken voor het diner. De chef, Annabel, heeft geen kokmuts maar bloemenkrans in het haar. Dit klinkt allemaal erg lieflijk, maar ze heeft bonje met een van de personeelsleden. Ze loopt met een mes te zwaaien en het gekrijs is niet van de lucht. Als dat maar goed komt, anders kunnen we fluiten naar een warme hap.
Het water is overal ontzettend helder en na alles geregeld en geboekt te hebben voor de avond en volgende dag gaan we met het rif voor de deur heerlijk snorkelen. Het is inderdaad prachtig onderwater en dat beloofd wat voor de volgende dag als we gaan duiken.


Samen met James en Chantal van de Ovni "Q" eten we heerlijk bij Tetamanu. Plannen we het tij en stroming allemaal zo goed met de UnWind, met het bijbootje 's avonds is het andere koek. Op de terugweg, met z'n vieren in onze bijboot, hebben we ontzettend veel stroming en golven tegen en als verzopen katten komen we weer terug aan boord. 

De volgende dag moeten we om 08.30 bij de duikschool zijn en maken we zoals verwacht een prachtige driftduik. We worden buiten de pas gedropt en driften op een diepte van tussen de 18 en 23 meter de pas weer in. Aan de ene kant hebben we het koraal en aan de andere kant kijk je de diepte in van de pas. Je komt ogen te kort, talrijke Trompetvissen, groepen met Jacks, Groupers, Napoleon vissen, rifhaaien en nog velen waar ik de naam niet van ken. Halverwege maken we een stop en hangen we aan de rand van het koraal. We kijken over de rand als van een soort van vissenkom waar het wemelt van de haaien. Het soort gevoel alsof je in een overdekte gang van glas zwemt. Boven, onder, links en rechts, het maakt niet uit. Tientallen rif haaien, die nauwelijks geïnteresseerd zijn in ons. Waar we 2 dagen geleden nog voor in ons wetsuit pisten uit angst voor die "nieuwsgierige" haai zijn we nu door zijn hele familie omgeven en vinden we het prachtig. Wat zitten we toch raar in elkaar. We hoeven vrijwel niets te doen, de stroming brengt ons de pas weer binnen. Het laatste ondiepe stuk brengt ons in een stroomversnelling wat even oppassen is en even later komen we weer aan de oppervlakte. We boeken gelijk voor de volgende dag een zg. "drop off dive" en hopen weer andere dingen te zien.
Halverwege de middag gaan we zelf met het bijbootje de pas in en laten we ons al snorkelend met de bijboot als drijfanker heen en weer langs het koraal spoelen. Aan het eind van de dag zitten we aan dek als 2 gewelde pruimen te genieten van een mooie zonsondergang. Wat een prachtige dag en ervaring!


Weer een vroege start met nagenoeg dezelfde duikploeg als gisteren. We worden weer buiten de pas gedropt en zakken af tot zo'n 29 meter. Nu iets minder haaien dan in de pas, maar enorme hoeveelheden Groupers, sommige al met dikke buiken liggend op de bodem. In de maand juli is het één grote kraamkamer en schijn de hele bodem bedekt te zijn met deze vissen. Duikers van heinde en verre komen hier op af om dit te zien. Wat ik zo juist lees, is dat als de vrouwelijke volwassen Groupers hun eitjes hebben gelegd ze van geslacht veranderen en als een productieve man verder door het leven gaat. We zien verder tientallen vissen van elk soort, je komt ogen te kort.


Jenny en Nikki van Top Dive in Fakarava.

Na de duik verkassen we zo'n 6 Mijl naar het oosten van de atol, Palm Hirifa genaamd. De wind zal de komende dagen behoorlijk aantrekken en dit schijnt een beschutte baai met zandbodem te zijn. Weer eens een afwisseling op de andere plekken waar koraalhoofden een hoofdrol spelen. Nu hebben we wel, sinds we in de Tuamotu's zijn, een ander soort van ankermethode. Nadat het anker goed ligt, halen we de ketting een stuk in, hangen een fender met lijn aan de ketting en laten de ketting weer slippen. Nu blijft dit gedeelte boven het koraal zweven en voorkomt dat deze rondom een koraalhoofd gaat wikkelen. Tot zover werkt het bij ons.
We vallen met ons neus in de boter, op dit plekje in de middle of nowhere is een restaurantje, gerund door Lisa. Ze kookt maar 3 x per week en laat dit nu een van de avonden zijn. Het lijkt of elke boot die avond blijft eten. Het is een gezellige boel met nieuwe en oude ontmoetingen en het eten is heerlijk. 


Het is een prima plek om te vliegeren, sommige hebben zelfs kites en boards bij zich. 

In de noordpas van Fakarava schijnt het ook mooi duiken te zijn, dus gaan we na 2 nachten weer verder. Er staat een pittig windje, maar in de luwte van het rif hebben we een vlakke zee. Alles wordt relatief, vond ik vroeger de afstand Lelystad naar Den Oever al een hele reis, haal je nu je schouders op voor 28 mijl.


Top Dive in Fakarava noord. Voor het eerst duiken we met tank gevuld met Nitrox.

De duikspot ligt 6 mijl vanaf het dorp en is dik 20 minuten varen. De zee is ruw, mede door de wind die er al een  paar dagen waait. Met inkomend tij duiken we de pas door. Ook hier scholen vis, in allerlei vormen en kleuren. Geen tientallen, maar hondérden van hetzelfde soort.
Eenmaal boven is het door de golven een hele klus om weer aan boord te komen.
We nemen afscheid van VOLO, zij zullen een andere route gaan varen. Wie weet zien we elkaar weer, de wereld is soms erg klein.


Tuamotu, Hao

25 mei - 03 juni 2015

Maandag, 25 mei.

Tuamotu Archipelago, bestaande uit 76 eilanden, waarvan 46 bewoond zijn. De meest beruchte zijn Mururoa en Fangataufa waar in de vorige eeuw testen werden gedaan met atoombommen zowel onderwater als bovenwater. De meer positieve is Raroia, waar Thor Heyerdahl met zijn vlot de Kon Tiki na een tocht van 3,5 maand en 4300 Mijl vanuit Peru kwam aangedreven.

De afstand vanaf Gambier naar Hao, de eerste atol/motu, die we in de Tuamotu's aandoen, is zo'n 460 mijl. De Tuamotus is een gebied met laagliggende atols, die je alleen binnen kunt via een doorgang in het rif. Nu zit daar de moeilijkheid. De beste tijd om door zo'n pas te gaan, is met laagwater slack (min of meer de overgang van laagwater naar hoogwater) dan is de stroming het minst. Nu hebben we getijden tabellen, dus tijden weten we. De truc is dus om op het juiste moment er te zijn en dat valt op deze afstand niet mee. Verder Is de theorie niet altijd hetzelfde als de praktijk. De natuur laat zich niet door cijfertjes leiden. We hebben in de 3 dagen, die we onderweg zijn qua weer ook van alles. Wind, meer dan verwacht dus gaan we sneller, buien met nog meer wind, dus nog sneller. We halen de snelheid uit de boot door met 3 reven te varen, maar na wat rekenwerk komen we nog steeds te vroeg aan. De laatste dag varen we voor "top en takel" (helemaal geen zeilen op) en zo stuurt de wind (met 20 knopen) een kale UnWind met 3 knopen naar haar doel. Het was een vreemde ervaring om midden op de Pacific en tussen de atollen zonder zeilen te varen, maar het werkte wel! 
Donderdagmorgen gaan we om 09 uur met 2 knopen stroom tegen door de Kaki pas bij Hao en alles komt prima uit. Voor ons dus geen horror scenario van "standing waves"(wanneer de stroomrichting tegengesteld is t.o.v. van de wind) waarover je in sommige pilots leest.
Het is nog 5 mijl motoren binnen de lagune, voordat het anker voor het dorpje Otepa valt in mooi blauw water.
De dagtemperatuur is inmiddels ook weer een paar graden hoger, alleen het blijven korte dagen, even na vijven valt de avond.


Hao, een voormalig bevoorradingsstation met landingsstrook van de Fransen ten tijden van Mururoa, wordt op dit moment bewoond door zo'n 1200 mensen. We worden vriendelijk begroet met "jaorana", Frans Polynesisch voor bon jour! 
We ontmoeten Iputao op de kade en hij vertelt van alles en laat ons het dorpje zien. Het heeft een paar winkeltjes, kerken, Gendamerie, postkantoor en 2 restaurantjes, ook wel snacks genoemd. Op het "uitgebreide" menu staan steak frites en Chow mie. Wij bestellen beiden bij de uitbater Ronald. Even verderop ontdekken we "Snack Marie" en kopen we nog een paar pain au chocolat en pain au raisin voor bij de koffie, maar ze zijn al op als we bij de bijboot zijn.

In een van de winkels, na tijden van blikgroentes, dan verse tomaten, komkommer, appels en andijvie te koop. Weliswaar tegen de nodige francs, maar beter duur dan niet te koop....


Veel groeit er niet op de motus, maar aan één ding hebben ze geen gebrek en dat zijn kokospalmen. Van de kokosnoot wordt, door ze te drogen, copra gemaakt en naar het vaste land van Tahiti vervoerd, waar er olie van wordt gemaakt.


Op een van de Sunwdowners a/b van de UnWind hebben we Ipu aan boord, die prachtig gitaar blijkt te kunnen spelen en liedjes uit Frans Polynesië zingt.

Ook op deze ankerplek toch weer onderhoud aan de boot. We ontdekken dat de rail op de mast waar de spinakerboom op zit licht verbogen is. Niels gebruikt dezelfde boom om hem terug te buigen en zet hem weer vast met popnagels en tapt gelijk wat extra schroeven voor de zekerheid. Ook de onderste plastic flens van het rolsysteem van het voorzeil is gescheurd. Niels tikt via Ipu plaatjes aluminium op de kop en maakt een verbeterde nieuwe versie.


Toch makkelijk zo'n handige vent aan boord.


De burgemeester met een van haar hofdames.

Tijdens het wandelen komen we voorbij het huis van de voormalig burgemeester, Susanne Butcher. Door haar 2 hofdames wordt het huis getoond, wat vol staat met bloemen, voorwerpen en kettingen van schelpjes, die ze in haar ambtstermijn kado heeft gekregen. Ook de tiara's, gemaakt van sisal en vol met zwarte parels, hebben een plekje in de pronkkast. Nu vond ik al dat de 2 dames behoorlijk wat baardgroei hadden, maar bij nader inzien blijken het travestieten te zijn, maar dat schijnt hier vrij normaal te zijn en ook een homo huwelijk is geen probleem. 

                     

Hier geen dikke 4x4's, maar gelukkig weer fietsen.

We zitten te ver van de pas om te kunnen snorkelen/duiken, dus wordt wandelen. Na een klein weekje hebben we het hier wel weer gezien en gaan weer op pad. Bestemming Makemo,170 Nm verderop.


Zo kan het ook en volgt ons moeiteloos. 

Tuamotu, Makemo

05 juni - 09 juni 2015

Het is een rustige overtocht van 2 dagen van Hao naar Makemo. De wind is net genoeg om de zeilen vol te houden. We proberen weer te vissen, volop leven naast de boot, maar geen één vis ziet onze haak hangen. We hebben nog wel zo'n mooi gekleurde nepvis eraan.
We gaan met rustig weer en een uur na laagwater door Passe Arikitamiro van Makemo. We hebben 0,8 knoop stroom tegen, te verwaarlozen dus. Het anker valt voor het dorpje Pouheva in prachtig helder water, maar met koraal koppen. Oppassen dus waar we het anker laten vallen. We zien al direct weer de nodige vissen zwemmen rondom de boot. 


De ankerplek bij Pouheva, helaas was in het weekend internet uit de lucht.

We gaan "uiteten" aan boord van de Q, Chantal heeft de kuiptafel prachtig gedekt en ze heeft 3 soorten ceviche gemaakt van de tonijn, die we allemaal van Matt hebben gekregen. We nuttigen ook de nodige wijn om de vis weer te laten zwemmen.
De volgende dag zijn we al vroeg op de wal en proberen de boulangerie te vinden, maar de baguettes zijn inmiddels al uitverkocht, maandag zijn we de eerste.... Ook de huizen in dit dorp zijn gemaakt van golfplaten en hout. De overheidsgebouwen zijn echter van steen, die zullen een eventuele hurricane wel overleven. Heel modern zijn de straatlantaarns, gevoed door zonne-energie.


Dit is toch mooier dan al die stijve hoedjes in Europa.

Ergens in een straat horen we zingen en muziek en bij toeval zijn we getuigen van een bruiloft. Het bruidspaar, gekleed in moderne kleding, maar de gasten, gelukkig voor ons, meer traditioneel. Weer de prachtigste bloemenkransen in het haar. De optocht gaat eerst naar het stadhuis en dan de kerk. De psalmen, in het Frans en Tahities, worden geprojecteerd op een scherm en vol overgave meegezongen. Het klinkt prachtig. Wij proberen ook mee te zingen, maar wel heeeeeeel zachtjes.


De "trouwkoets".


Klaarmaken voor de gang naar het stadhuis. Kosten nog moeite worden gespaard.


De fleurig versierde kerk met bloemstukken van veelal palmbladen.



De rest van de dag zijn we in het water te vinden en snorkelen we in de pas en bij een boei. We hadden hier erg graag een duik willen doen, maar helaas was de duiker Ludo niet beschikbaar. We hebben nog te weinig ervaring om alleen met zijn tweeën een driftduik in de sterk stromende passen te doen.
Zondag varen we naar de ankerplek halverwege de atol. Met de zon in de rug zien we de "bommies" (koraalhoofden) liggen en kunnen ze mooi omzeilen. De ankerplek is er een volgens het boekje: palmbomen, wit zand en de mooiste kleuren blauw. Er liggen nog 4 boten en we hebben met zijn allen een kampvuur en braai op het strand. Ja, zo hadden we ons de Pacific in gedachten voor we vertrokken.


Op de ankerplek bij Panaruku 


Het is bijna een ansicht kaart.

Panaruku was in een ver verleden een gehucht, maar door een rattenplaag nu compleet uitgestorven en de huisjes verdwenen. Wel ontdekken we nog een graf. We ontmoeten Yannick en zijn maat, zij zijn met hun motorbootje vanaf Pouheva gekomen om hier een week te bivakkeren, cocosnoten te oogsten en deze tot copra te verwerken. Ze bieden aan met ons op kreeftenvangst te gaan. Zodoende staan we met nog een paar medezeilers om 19.00 in de pikkedonker op het strand, helaas blijkt de zee bij het buitenrif te ruw en gaat het feest niet door. We blijven nog wat kletsen, wat niet meevalt met ons gebrekkig Frans. We laten wat drank en spullen achter en de mannen zijn zeer blij.
Inmiddels komen we tot de conclusie dat we weer verder moeten, er zijn bepaalde evenementen op Tahiti waar we bij willen zijn. Noodgedwongen zullen we Tahanea (een natuur reservaat) laten liggen en direct doorvaren naar Fakarava.
Dinsdag zeilen we in de atol naar de westpas, om daar het juiste getij af te wachten. We liggen net achter het rif en laten het anker vallen bij dood koraal. Niet ideaal, maar we blijven er maar een paar uurtjes. We gaan samen nog even snorkelen. Bij het rif aangekomen zwemt er een hele bijdehante black tip shark om ons heen en deze wil maar niet opzouten. Ik heb het er niet op ook al ben ik groter dan hem of haar. Iedereen zegt: ze zijn alleen maar nieuwsgierig, ja ja. Ik kruip bijna op Niels zijn rug, maar daar zit hij ook weer niet op te wachten. Kortom, we zijn zo weer terug!
Tegen het vallen van de avond gaan we door de Tapuhiria pas, ook al is het een uur na laagwater we hebben nog steeds 2 knopen uitgaande stroom mee. Het wordt een prachtig nachtje zeilen om in de vroege ochtend precies op tijd door de zuidpas bij Fakarava te zeilen. Eenmaal binnen laten we het grootzeil zakken en gaan op weg naar de ankerplek voor de duikschool. Volgens iedereen is dit één van de mooiste duikplekken in de Pacific. We kijken er ook naar uit. 

maandag 18 mei 2015

Gambier

6 mei - 25 mei 2015


Het is ongekend "druk" met zeilboten op de ankerplaats in Rikitea, Mangareva.

De eerste week is voorbij gevlogen. De eerste paar dagen is de boot nummer 1. Schoon en zoutvrij maken, maar ook de "to do list" komt weer boven. De UV-strip van het voorzeil wordt opnieuw gezigzagd met behulp van de zwaardere naaimachine van de VOLO. Ook gelijk de plekken aangepakt, waarvan het doek doorgeschavield was. Het grootzeil werd ook uitgebreid gecontroleerd en hier en daar voorzien van sticky tape op de geschavielde plekken. Het dag en nacht opstaan van de zeilen voor zo'n langdurige periode hakt er goed in.
Op een regenachtige dag hebben we de spinnaker meegenomen naar de plaatselijke sporthal. Was het de avond ervoor nog het strijdtoneel van dans en trommelaars, nu hadden we deze ruimte voor onszelf om hem te ontwarren en opnieuw op te rollen. Al zwoegend worden we gade geslagen door de nieuwsgierige lokale jeugd, die samen met een paar puppies het een sport vinden om om ons heen te rennen. We moesten ook nog haasten, want om 5 uur kwamen de lokale zaalvoetbal teams trainen.


Het zaalvoetbalteam stond al te trappelen om te gaan trainen, ware het niet dat er 2 Nederlanders de boel in de war schopten. Gelukkig maken vele handen licht werk en hielpen ze met oprollen.

Ook al ligt Gambier dan buiten de gebaande paden, de tijd van ruilhandel is voorbij. Het is de harde Frans Polynesische Franc die bepaalt. Er rijden de nodige 4x4's over het eiland, dankzij de parelindustrie. Nou valt het uitgeven nogal mee. Er is één pizzeria op het eiland, alleen open in het weekend en dan heb je JoJo's. Dit is een combinatie van winkel, restaurant met wisselende openingstijden en heeft internet, wat ZoZo werkt. We zijn allang blij, want op deze manier kunnen we in ieder geval email ophalen en bepaalde zaken regelen.
We hebben mazzel, want een dag na aankomst komt ook de bevoorraaddingsboot aan. Het hele eiland ligt dan stil en de lege schappen in de winkeltjes worden aangevuld. Je moet er snel bij zijn, want op=op. We kunnen de hand leggen op verse brie, roquefort kaas en salami. 
Op vrijdag komt VOLO binnen en zondag Q en Tamata, de laatste was via Henderson eiland gekomen. Helaas konden ze Pitcairn niet aandoen door het verwachte slechte weer. Het is een gezellige boel als het hele spul na aankomst op zondag voor een sundowner(plus) aan boord van de UnWind komt.


Je kunt een hoop over de Fransen zeggen, maar over inklaren doen ze niet moeilijk. Het kost een postzegel om de papieren naar Papeete, Tahiti, te versturen en dat is alles. Dat was al makkelijk op de Franse eilanden in de Carieb, maar zet zich hier voort. 
Nog een ander voordeel om op Frans grondgebied te zijn is: baguettes en croissants. Dit is voor Niels de reden om de komende dagen de wekker op 05.45 te zetten, in de bijboot te springen en nog voor zessen bij de bakker te zijn. Kom je later zijn ze gesloten of is alles uitverkocht.
Er komt een "hoge oom" van het vaste land en Mangareva pakt uit voor het ontvangst. Er wordt een diner met dans en trommelaars geregeld en wij boaties kunnen het van dichtbij bekijken. De burgemeester houdt een ellenlange toespraak en de "administrator" op zijn beurt ook weer. Het is genieten van een optreden van dans en muziek. De meeste vrouwen hebben prachtige bloemenkransen op hun hoofd en zien er exotisch uit. Wat blijven wij dan echte kaaskoppen met onze uitgewassen en verkleurde kleding. 


Om jaloers op te zijn


Nog zo'n mooi koppie.


Het rituele dans optreden door de lokale bevolking in natuurlijke kledij.

                            

Leek mij ook wel wat zo'n natuurlijk rokje, maar die schoenen eronder....!

We gaan op woensdag anker op en motoren de 5 mijl naar Totegegie, een motu waar het prachtig snorkelen moet zijn. We ankeren eind van de middag dichtbij het land. De volgende dag gaan we met hoogwater naar een opening tussen 2 motus. We gooien ons kleine ankertje van de bijboot op een lichtblauwe plek midden tussen het koraal en gaan het water in. Het zicht onderwater is inderdaad ontzettend helder en je waant je in een aquarium. Het is weer genieten van het kleurige koraal helemaal als de zon erop schijnt. We zijn omringd door heel veel tropische vissen, die allemaal net een maatje groter en kleuriger zijn dan in de Carieb. We zien ook een paar white en black tip haaien, maar gelukkig is de maat van zo'n 1,5 meter nog acceptabel en schrikken we niet. Gek genoeg went alles en voelen we ons thuis onderwater samen met de haaien in onze gekleurde wetsuits en gele vinnen.


De gap tussen het rif, waar we diverse keren snorkelen.


Een zelfgemaakte foto! Het is toch net een aquarium.

Na ons snorkel tripje varen we met onze bijboot op de gok naar de parelkwekerij op de motu, waar we spontaan worden ontvangen door de eigenaar Eric. In goed Engels wordt ons het hele procedé uitgelegd. Het is een kwestie van de natuur een handje helpen, arbeidsintensief, maar reuze interessant om van dichtbij te zien.


Het is net een soort van IVF, maar dan met oesters.

Minutieus wordt van de rand van de oester het beste deel afgesneden (de mantel) en verdeelt in kleine porties. Dit wordt tezamen met een balletje (nucleus) in een levende oester teruggeplaatst. In minder dan 2 jaar weten ze of het succesvol was in de vorm van een parel. Over het algemeen is het percentage 6 uit 10. Een middelgrote farm zet zo'n 90.000 parels per jaar om.


De injecteerde parels worden vastgebonden aan plastic netten, die op 5 meter diepte worden teruggeplaatst.

Op elke ankerplek hebben we wel leuke contacten, we gaan dit keer op "apero" bij de Franse buur boten Kallima en Ganesh en de volgende dag mixen we onze gezamenlijke avondhappen samen met Roel en Jacomien van de Tara uit Nederland. Een groot verschil met het Caribische gebied, waar vaak dezelfde nationaliteiten elkaar opzoeken.


Dat we in de herfst zijn beland is duidelijk, het onstabiele weer levert wel prachtige plaatjes op. 

Dat we in winter ingaan op het zuidelijk halfrond is duidelijk. De zaterdag geeft hoosbuien en in de nacht giert het windkracht 6 rondom de boot. We liggen goed achter het anker en dat geeft vertrouwen.
Nog eenmaal gaan we voor 2 nachtjes terug naar Rikitea, kunnen we voor vertrek nog internetten, de was en wat inkopen doen.
In de stromende regen, ja we plannen lekker, gaan we naar Taravai. Het is even zoeken om een goed plekje te vinden en we zijn drijfnat als we eindelijk liggen. Ja, ook dit is de Pacific.
De volgende dagen hebben we de vertrouwde zon weer terug en ontdekken we Taravai. Het eiland is on 2 echtparen onbewoond. We ontmoeten Herve en Valerie, die ons gastvrij ontvangen. Ze hebben een prachtige stuk grond met fruitbomen en verbouwen groenten. Hier wel ruilhandel: kleurtjes, handcreme,rum en een paar biertjes en wij twee tassen vol pompelmoezen, limes, avo's, papaja's en natuurlijk ontbreek de kam bananen niet. Daarnaast worden we samen met Q en VOLO op een traditionele lunch getrakteerd.


Lunch in de achtertuin.


Samen met Herve, Valerie en hun zoon Ariki.

Op vrijdag zien we in de verte Betty Boop en de Bounty vertrekken, hun eerste stop zal Fakarava zijn, zo'n 750 NM noordwest waarts. Wij verhuizen die dag naar de westkant van Taravai, Baie Onemea. Bij het snorkelen weer nieuwe vissen met wel één hele bijzondere: weer geen idee hoe deze heet, maar heeft niet gelogen een oranje strik op de staart. 
Na 3 dagen gaan ook wij anker op, richting de Tuamotu Archipelago.


Helemaal in ons uppie.

Terugblik passage Galapagos-Gambier

19 april - 6 mei 2015


De geplotte 12.00 uur posities tijdens de oversteek van Galapagos naar Gambier.

Oversteek van Galapagos naar Gambier 17 dagen
Mijlen: 2935 Nm = 5435 kilometer
Daggemiddelde: 173 Nm, max. 204 Nm.
Stroom: over het hele traject net 4 uur mee.
Gemiddelde snelheid: 7,3 knoop, max. 13,1 knoop.
Windrichting: Zuidoost 100 tot 130 graden. De laatste 2 dagen draaide de wind naar het noordoosten.
Windsnelheid: 12-25 kn. Uitschieters in buien 28 kn.

Frans Polynesië beslaat een oppervlakte zo groot als West Europa. De 130 eilanden zijn onderverdeeld in de Society eilanden, Marquesas, Tuamotu Archipelago, Gambier en Austral eilanden.
Gambier ligt in de meest zuidoostelijk hoek en daarom minder bezocht dan de Marquesas, die op de route liggen bij vertrek van bv. de Galapagos eilanden. 
Gambier zullen we als eerste bezoeken, daarna naar de Tuamotu's ook wel de dangerous Archipelago genoemd vanwege de vele riffen. Als laatste de Society eilanden met Tahiti.
Gambier omvat 5 vulkanische eilanden, 18 laagliggende eilanden en motus, omgeven door een rif in de vorm van een diamant. Deels zichtbaar, maar grotendeels onderwater. Het grote voordeel is dat de uitstroom van water door de passen niet zo extreem is.
Mangareva is het grootste eiland met Mount Duff als hoogste punt (441 mtr.). In het dorp Rikitea vind je de Gendamerie, winkels en kerken. Hoe klein de andere eilanden ook zijn, kerken vind je overal. Dit is te danken aan de komst in 1834 van de Katholieke broeders Laval en Caret.
De kleinere eilanden Aukena, Akamaru, Makapu, Kamaka en de omliggende motus zijn nauwelijks of niet bewoond. Motu Totegegie aan de buitenkant heeft als enige een vliegveld(je). De parel industrie is de grootste bron van inkomsten en later waren het de Fransen, die een boost aan Gambier gaven, door de nucleaire testen in Morurao en Fangataufa tussen 1960 en 1996 en o.a. Gambier als uitvalsbasis gebruikten.
Gelukkig zijn die tijden over en zijn het nu weer de parelkwekerijen die voor de inkomsten zorgen. De gekweekte grijsgroene parel heeft de mooie naam: Daughter of Pinctada Margaritifera var Cumingi 
( heb ik niet van mezelf...... )

vrijdag 8 mei 2015

Op pad naar Frans Polynesië III

Zondag, 3 mei

De dag is alweer over de helft. Het was een roerig nachtje met veel wind en daardoor ook een ruwe zee. De boot en haar bemanning doen het goed, maar er is geen ontkomen aan die zwiepers, die de boot opzij zet. Slapen doe je dus ook niet 's nachts. 
Tijdens het Gambier net horen we dat het de anderen net zo vergaan is. Max van VOLO heeft het over " a boisterous night" and Matt van Tamata "jeeh, a ragged one". Dit klinkt toch zoveel indrukwekkender dan ruw... Alleen hebben zij meer last gehad van buien en de neerslag. Dat is ons bootje gelukkig voorbij gegaan. 
Ook het item slapen komt in de lucht. VOLO vergelijkt het met slapen in een opblaaskasteel, alleen dan met een stel springende kinderen met ADHD om je heen. Ik neem aan dat dit genoeg zegt.
Q heeft problemen met zijn stuurautomaat en stuurt nu met de hand. Hopelijk kunnen ze de klus klaren, want ze moeten nog dik 800 NM en het is nog een pokke eind als je om beurten moet sturen.

Ook goed nieuws van de Boopers, zij hopen vanmiddag aan te komen bij Rikitea, Gambier. 

Overdag neemt de wind af rond de 20 kn. en proberen we om beurten wat de slapen. De klok wordt ook weer een uur teruggezet.
Bij het ingaan van de avond trekt de wind weer aan en bouwt de zee op. Het ziet er naar uit dat we een kopie van gisteren krijgen. Ene kant is die onstuimige zee een prachtig gezicht, maar ergens diep van binnen is er een klein stemmetje wat zegt dat het af en toe ook spannend is.
De krachten van de wind, maar helemaal het onbestendige van de golven, die je zo maar aan de kant kunnen zetten. Gelukkig houdt onze Appie zich niet met dit soort zaken bezig. Hij stuurt als de beste en houdt de UnWind op het rechte pad.

Maandag, 4 mei


Vroeg in de avond zien we de bijna volle maan.

Dankzij de volle maan is 's nachts de bewolking goed te zien en kun je de buien zien aankomen, wat een wereld van verschil is. Bij elke bui krimpt de wind 30 tot 40 graden, waardoor we naar het zuiden worden weggezet. Niet helemaal volgens plan, want de voorliggende koers is naar het zuidwesten. Zodoende verlijeren we van de rumbline en zullen we een dezer dagen een gijp moeten maken.
Met oordoppen in kan ik tussen de bedrijven door goed slapen. Nelis heeft er meer moeite mee en is vanmorgen dan ook "kort voor de wagen", zoals wij dat in Heerjansdam zeggen. Ook wel chagrijnig, maar dat wordt zo niet genoemd. Zelfs een bakkie leut met slagroom, het laatste restje vanuit de spuitbus, maakt het niet beter. Kortom, een schop onder zijn kont en probeer maar een paar uur te slapen!
Met het radiopraatje blijkt dat Q zijn stuurautomaat heeft kunnen maken en het is de Boopers gelukt om voor de donker binnen te zijn en liggen voor anker bij Rikitea. Een minpuntje: het weer is er bewolkt met regen. 
Bij ons een herhaling van de vorige dagen, helaas is de wind gekrompen naar ONO.
In de middag is de zee een stuk kalmer geworden en bomen we de genua uit naar bakboord. Nu kunnen we meer voor de wind gaan varen, niet onze favoriet, maar wel doelgerichter naar het waypoint.


De zeilen staan in pasaat stand ook wel goose winged.

De IPod draait lekkere dance music en aangezien de buren er toch niet zijn, gaat het volume voluit. De stemming zit er weer helemaal in. 
De opkomst van de maan is spectaculair en de verrekijker wordt erbij gehaald. In de verte kun je er een gezicht van maken, zoals op een kindertekening. Van dichtbij is hij ontzettend helder en zie je de contouren en het reliëf. Het lijkt zo dichtbij, alsof je hem uit de lucht kunt plukken. 

Dinsdag, 5 mei 

Het lukt maar niet om wakker te worden. Meer dan een uur geleden was daar die warme hand op mijn been. Niets romantisch, maar "wakker worden, het is tijd". Als een slangenmens kruip ik achterstevoren uit het slingerbedje en hoor ik de bijzonderheden aan. Alles gaat reg, volgens de schipper, die nu lekker kan gaan slapen. Al meer dan 12 uur varen we goose winged met een perfecte koers naar het einddoel. Nog 190 NM te gaan.
Maar aan alles komt een eind en ook dus de wind. Bij het zien van een forse bui vroeg in de morgen draaien we het voorzeil in. Na de bui laat de wind het voor gezien en lopen we met pijn en moeite net 3 knopen snelheid. Balen, want stiekem hebben we toch zitten rekenen voor de ETA (aankomsttijd) in Gambier. 


Toen hadden we nog beet...

Daarbij maak ik vandaag helemaal geen vrienden als we eindelijk beet hebben. Ik geef een gil aan Niels, die beneden is en als een speer de lijn probeert binnen te halen. Normaal is mijn taak dan om de snelheid uit de boot te halen. Ik doe van alles, sta met de camera klaar, maar dus niets om de boot langzamer te laten lopen. Kortom, vis weg en een hele kwaaie schipper. Ik heb mazzel dat we nog een nacht verder moeten en dus "nodig" ben, maar in vroeger tijden zou ik gekielhaald zijn.....
Gelukkig klaart de lucht, je mag kiezen welke en dobberen we verder.
Het is hollen en stilstaan, zo nauwelijks wind en in een bui waait het stront van de dijk, maar dan wel dik 8 knopen snelheid. Tja....

Woensdag, 6 mei

Gelukkig is de wind weer aangetrokken en zeilen we alleen op het grootzeil. De genua laten we ingerold, want een deel van het stiksel van de UV strook is los. Het is niet de beste zeilvoering en we zijn blij als we in de nacht een gijp kunnen maken en halve wind kunnen gaan varen richting Gambier.
Rond 09 uur gaan we de noordwest passage in en hebben we het grootste eiland, Magareva, aan bakboordzijde. Een paar heftige valwinden van Mount Duff zorgen nog voor wat extra zout aangroei op het dek, maar dan zien we Rikitea liggen. 
Na 17 dagen en 2935 NM valt het anker, we zijn er. Een overtocht volgens het boekje, hier tekenen we voor.
's Middags gezellig met Ad en Marianne aan de bubbels. Proostend op een goede passage!



Op pad naar Frans Polynesië II

Zondag, 26 april

Frans Polynesië heeft een oppervlakte zo groot als West Europa. De tijd die we er kunnen spenderen is maar 5 maanden, want dan moeten we zorgen dat we onderweg richting Nieuw Zeeland of Australië zijn ivm het cyclone seizoen. Zo weinig tijd voor zo'n prachtig gebied, het gaat weer om keuzes. Altijd zo vreselijk moeilijk, want je leest er zoveel mogelijk over en alles lijkt mooi. 
Was het eerst de Marquesas, hebben we toch besloten om de Gambier Eilanden aan te doen. Door hun ligging, ze liggen het meest zuidelijk, worden ze minder vaak bezocht en hopen we een stukje oorspronkelijk Polynesië te vinden. 

Inmiddels een week geleden dat we vertrokken zijn en nog steeds komt de wind uit dezelfde hoek als de voorgaande dagen. Je hoort ons dan ook zeker niet klagen en hopen dat we dit tot Gambier kunnen volhouden.

Een echte Sunday lunch met geroosterde aardappelen, groente en een goed stukje vlees staan op het menu. Ja, die Mar grabbelt liever in de vriezer dan dat er een vislijn overboord wordt gegooid....


De ondergaande zon zorgt voor pastelkleurige luchten in het oosten. 

Maandag, 27 april

Alle twee goed kunnen slapen. Het wachtschema voor de avond en nacht van 3 uur op en 3 uur af gaat redelijk bij ons op. We doen ook niet al te moeilijk, zit iemand er doorheen, laat je die een uurtje langer liggen. Overdag zijn er ook genoeg momenten om even te tukken. Alhoewel de dag voorbij vliegt. De ochtend is al gevuld met het radionet, ophalen van gribfiles en e-mails, ontbijt en koffie. Voor je het weet is het alweer tijd om te eten. Daarbij zijn er altijd wel schoonmaakklusjes en het nalopen van de boot. Boeken worden door mij verslonden op de e-reader en dan moet er ook nog gezeild worden, maar met deze koers en wind heeft dat weinig om handen.
In de avond zakt de wind in en moeten we het doen met 8-12 knopen. De snelheid zakt ook terug naar gemiddeld 5. 
De klok wordt een uurtje teruggezet om alvast richting Gambier tijd te gaan (verschil is 3 uur vroeger)

Dinsdag, 28 april

We hebben vrolijke Boopers aan de "lijn", eindelijk hebben ze weer wind en gaan ze met 6 knopen snelheid richting de eindbestemming. Voor hun nog 650 NM te gaan. Met Nelly Rose gaat alles goed en zij gaat langzaam, maar gestaag naar haar einddoel.
De wind blaast in de zeilen, blauwe lucht en vislijn staat uit en zijn we over de helft.
Ik heb weer een kookvrije dag verdiend met het winnen van een weddenschap. We hebben het over diverse popartisten en opeens spookt er dan een liedje door je hoofd, wie zong dat ook alweer " Dreadlock Holiday". Niels was er van overtuigd dat hij het wist en ik ook. Wedje?? Men at Work, maar ik wist beter! 10CC. 

Woensdag, 29 april

T.K. aangeb. in z.g.s. spinnaker..... 

Het is geen Pim, Pam, Petten, maar de eerste gedachten van 2 zeer gefrustreerde zeilers, die dachten de spinnaker even op te zetten. 
In het begin van de middag zakt de wind onder de 10 knopen, dus tijd voor een andere zeilvoering. Huppekee, het oranje monster uit de ankerbak en optrekken. Nu hebben wij een heel geavanceerd systeem op 'n één lijn roller, schijnt heel geschikt te zijn voor een kleine bemanning, alleen het werkt niet altijd. Ook deze keer niet en eindigen we met een deels contra opgerold zeildoek, wat niet wilt uitrollen. Na diverse halsbrekende toeren om het geheel toch uitgerold te krijgen, gaat de handdoek in de ring. De hele bups naar beneden laten zakken en proberen te "ontrollen" aan dek. Oppassen dat de wind er niet onder komt, anders is het één grote airbag. Snappen jullie het nog? 
Na 2 uur ploeteren is het nog niet gelukt en zijn we het zat. Het hele zaakje gaat in de zak, morgen weer een dag!
Enigszins stram en stijf zitten we even later heel toepasselijk aan een prakkie sauerkraut und wurst te genieten van de lange oceaandeining. Het is bijna hypnotiserend als je er naar kijkt, maar de werkelijkheid is dat er gewoon een afwas op ons wacht.



Donderdag, 30 april

Inmiddels is de avond gevallen, klaar voor de nacht. Ingepakt, kussens in de juiste houding en nu maar wakker blijven. Je hebt geen hoofdlampje nodig met de bijna volle maan. Het is licht uit, spot aan.
Vandaag was weer een dag volgens het boekje. We zijn als een trein, die op haar bestemming af dendert, met een tijdschema waar de NS een puntje aan kan zuigen. 

Vrijdag, 1 mei

Na een dag als de voorgaanden, varen we weer de nacht in. Vooruitlopend op de voorspelling van de gribfiles hebben we alvast 2 reven in het grootzeil. Voor de komende dagen is de verwachting 20-22 knopen. Dt wordt een eindspurt naar Gambier. 
Als ik om 22.00 het bed uit kom, is de wind al aangewakkerd en draait Niels net een rit in het voorzeil. Met de volle maan als schijnwerper zie je het geweld aan golven achter de boot. Niels gaat nu proberen te slapen. Ik ga op het beschutte plekje aan de lage kant zitten. Wat een genot om een vaste buiskap te hebben. 

Zaterdag, 2 mei

Inmiddels is het 05.00 uur en zit er een derde rif in het grootzeil. Opeens zwakt de wind af naar 12 kn. zo verleidelijk om het voorzeil weer volledig uit te trekken. Ik ben wijzer en kijk naar de buien om me heen. Tot op heden hebben we alleen de wind ervan, maar in de verte zie je de grijze gordijnen met neerslag onder de wolken vandaan vallen. Ik hoef niet lang te wachten en daar is de wind weer terug van weggeweest.
In de morgen verdwijnen de buien, waardoor het wat vriendelijker lijkt, maar houden we de krachtige wind. Het blijft een ruwe zee, ook binnen is het niet veel beter, waardoor we een tandje langzamer doen om de blauwe plekken tot een minimum te houden. Op het menu staat ook makkelijke kos. Chili sin Carne, aubergines die op moeten vervangen het gehakt.
Op een van de ramen zit het restant van een verkeerd afgeslagen vis, de enige die we "vangen".