donderdag 30 maart 2017

Tiritiri Matangi

17 maart 2017

Via een nachtje Ponui Island ten zuiden van Waiheke varen we richting Otata Island, waar we Roel en Jacomine zullen treffen. Wat een rustig tochtje leek, blijkt toch tegen te vallen. Na het verlaten van de ankerplaats vallen we af met alleen de genua bij en rollen we met zo nu en dan 25 knopen vanachter behoorlijk heen en weer op een onrustige Hauraki Gulf. 
Jacomine heeft een tip gekregen om bij dit eiland naar st. Jacobs schelpen te duiken. Op de plaats van bestemming aangekomen staat er nog te veel deining en wind om ter plekke voor anker te gaan en besluiten we door te varen naar Rakino Island. Hier liggen we met de ZO wind in de beschutting van het land en is het die avond goed toeven.
Het is de volgende dag nog geen 8 Nm om bij Tiritiri Matangi te komen. Dit eiland is een van de meest succesvolle natuurreservaten ter wereld met inzet van duizenden vrijwilligers, die honderdduizenden inheemse bomen hebben geplant en vogels hebben ge├»ntroduceerd en hierdoor van een dor eiland een bos hebben getransformeerd. Je vindt er nu oa. de Takahe, Saddleback, Stitchbird, brown Teal en de Kiwi. We bewandelen eerst een deel van het eiland en hebben later de hele baai voor onszelf. Met een Sundowner en diner op het strand is het plaatje kompleet. Met het vallen van de avond gaan we het bos weer, in de hoop om een kiwi te spotten. We zien helaas geen Kiwi, maar zien wel een Tuatara, een soort van hagedis en de Giant Wetapunga, 's werelds zwaarste insect. 
We plakken er nog een dag aan vast en wandelen de volgende dag de noordelijke kant van het eiland. We hebben die avond daardoor een herkansing om de Kiwi te spotten en roeien in de schemer weer naar de kant. We lopen de Wattle track en horen opeens geritsel. Het is erg droog en er staat geen wind en ja hoor, daar zien we de zogenaamde little spotted Kiwi. Hij verdwijnt eerst in een soort pijp en komt er even later uit, precies waar Niels staat. Hij of zij staat naast zijn sandalen en stopt, ruikt en loopt verder. We staan allemaal stil in afwachting en zijn als een klein kind zo blij om dan eindelijk de Kiwi in het echt te zien. Er zijn vele NZ-ders, die nog nooit een Kiwi hebben gezien in het wild, dus dit maakt het ook speciaal.
Op de terugweg naar de boot treffen we er nog een, maar deze is wat verder weg. We roeien met de dinghy vanaf het strand naar de boot en door de fluor lijkt het water wel een sprookje. Telkens als we met de peddels door het water gaan krijgen we een hele lichtshow. Een mooie afsluiting van een dag in de natuur.




Fantail


Stitch bird (Hihi)


Hobbs Bay


Sundowner op het strand


Giant Weta


Saddleback


Takahe




zondag 19 maart 2017

Rangitoto & Motutapu Island en Auckland

11 maart 2016


Uitzicht vanaf Motutapu naar Islington Bay en Rangitoto.

De afgelopen 2 weken hadden we prachtig weer en nauwelijks wind. En route naar Auckland doen we een paar ankerplekken aan op Waiheke, Ponui, Rangitoto en Motutapu. De laatste 2 eilanden liggen voor de aanloop naar Auckland en zijn door een landstrip met elkaar verbonden. Tussen deze eilanden ligt ankerplaats Islington Bay en met de noordenwind is het er prima liggen. Rangitoto, een vulkaan die zo'n 600 jaar geleden vanuit zee omhoog gekomen is en daarmee tevens het jongste eiland in de Hauraki Gulf is, wordt als eerste beklommen. Aangezien we vroeg op pad zijn ontlopen we de meute, die per ferry vanuit Auckland op het eiland wordt gedropt. Met name in december zal het vulkaaneiland er prachtig uit zien met zijn bloeiende Pohutukawa bomen (de NZ kerstboom). 


Niels in gesprek met een kudde koeien. Zoveel aandacht van vrouwen heeft hij nog nooit gehad zie ik hem denken....

Aangezien we toch lekker bezig zijn met wandelen doen we ook nog een rondtrip op het aangrenzende Motutapu eiland. Kompleet het tegenovergestelde van Rangitoto, hier glooiende heuvels met gras en vee. We lopen dwars door de weilanden en omdat we soms een paaltje missen komen we in contact met een groep koeien. Niels heeft er direct een prima band mee en gaat een praatje met ze aan. Ik weet overigens niet in welke taal, maar hij heeft genoeg toehoorders.

We hebben 6 dagen in Auckland gepland en met hoogwater komen we aan bij Orams. Met alle bootwinkels om de hoek zijn we nog geen halve dag aan wal en de lijst "te kopen dingen" is behoorlijk geslonken, tevens ook onze portemonnee.
De radar had de geest gegeven en we hadden via email contact met John, van Simrad de leverancier.
De volgende ochtend komt hij langs en constateert een kapotte scanner en kabel. Hij belooft de volgende dag terug te komen met vervanging. Om 9 uur de volgende dag is hij er weer met een nieuwe scanner en kabel. Niels had ondertussen de radar van de mast gehaald en met zijn drie├źn monteren we de nieuwe erop. De kabel wordt vervangen en getest en alles werkt weer. 
Een uitstekende service van Simrad (Pacific) en met dank aan de uiterst vriendelijke John.
Als presentje geeft hij Mar een digitale zeekaart van NZ.


Een van de vele stalletjes op de Auckland Brito zaterdagmarkt. Hier de Aziatische variant op poffertjes.

Het weekend houden we om lekker van het stadse leven te genieten. We pakken op vrijdagavond de "walk-in bioscoop bij Silo's" en we struinen door de stad. Zaterdagavond treffen we Roel, Jacomine, Sharron en Joel en eten gezamenlijk bij de Mexicaan. Op zondag pakken we de trein naar Onehunga. Dit ligt aan de westkant van het isthmus, waar Auckland aan ligt. Hier begint de zg. Coast to Coast walk. Je loopt/doorkruist de stad, beklimt diverse, nu begroeide, vulkanen en eindigt in de Viaduct, gelegen aan de Waitamata Harbour. Het Franse filmfestival is de week ervoor van start gegaan en we boeken snel een kaartje en zien "Mr. Chocolat". Een mooie film over een zwarte clown en zijn niet makkelijke leven.


Op zondag doen we de Coast to Coast wandeling met als startpunt de Tasmanzee, hier op de achtergrond.


Op de rand van de krater van Mount Eden in Auckland


We bellen Bregt van de "Boxing Kangaroo" -inmiddels woonachtig en werkzaam in Auckland- en spreken af bij ons aan boord voor een borrel. We kennen hem en Lynn nog van onze trip over de Pacific.


Daaag Auckland, we hebben weer genoten!

Bij vertrek gooien we de tanken vol met diesel en zeilen richting de Huruhi Bay aan de zuidkant van het eiland Waiheke. Er wordt behoorlijk slecht weer met zeer harde wind voorspeld en dit lijkt een mooie plek om verwaaid te liggen. Inmiddels zijn we 4 dagen verder en hebben we nog net geen wortel geschoten of elkaars kop ingeslagen, omdat we niet van de boot af kunnen komen. In de afgelopen dagen is er ten noorden van ons een trog met winden van boven de 50 knopen gegaan. Het veroorzaakt de nodige problemen op het vaste land. Met name Coromandel, waar we 2 weken geleden nog genoten van het mooie weer, krijgt het nu te verduren. Op de radio wordt gesproken over landverschuivingen en evacuaties. Het heeft nog nooit zo geregend in de afgelopen 53 jaar, zo horen we op de radio. Toch blij dat we op een bootje zitten....






vrijdag 10 maart 2017

Oostkant Barrier en Coromandel

Eind februari 2017



Toch maar even wachten!

We vertrekken vroeg uit Tauranga om het tij mee te hebben en op tijd bij Slipper Island te zijn. Bij de uitgang moeten we nog wel even een enorm cruise schip voorbij laten gaan. We varen samen op met de Sarau (een Dickson 55ft) van Joan & Malcolm. Dit is een vrijwel gelijkwaardige boot als de UnWind en dus ontkomen we er niet aan om tegen elkaar te "racen". Wat ze hier zeggen:" two boats at sea is a race".
De wind varieert onderweg enorm in sterkte en richting, dus beide bemanningen moeten hard werken om alles uit de kast halen. Leukste is natuurlijk om te schrijven dat wij als eerste ons anker konden laten vallen rond Gin O'Clock... tijd.


Hebben zij eerst het voordeel van hun genaker, maar met de krimpende lichte winden moeten zij dit zeil weghalen. Hier komt ons nieuwe zeil (code 0 voor kenners) van pas, welke we in NZ hebben aangeschaft. Later trekt de wind aan en gaan we als een speer op onze bestemming af.

Op Slipper Eiland scheiden we van de Sarau en gaan we naar Cook Bay terug om inkopen te doen. De volgende dag is er nauwelijks wind en dobberen we naar Opito Bay, waar we Roel en Jacomine ontmoeten van de TARA. Niels doet nog veel moeite met zeilwisselingen om het motoren uit te stellen, maar met stroom tegen en een boot snelheid van 1,5 knoop is het welletjes en gaat de motor aan. De volgende dag hebben we prima wind uit de goede hoek en gaan we in een ruk naar Great Barrier Island. Het wordt een mooie snelle zeiltocht met tientallen dolfijnen om de boot en voor de boeg. Ze zwemmen wel een half uur met ons mee en springen hoog uit het water. Het blijft een prachtig gezicht.
Omdat de windverwachting rustig weer geeft willen we dit keer de oostkant van Great Barrier Island verkennen. In tegenstelling tot de westkant vind je hier lange zandstranden gelegen aan de Pacific. Tijdens een strandwandeling krijgen we een tip van een Kiwi zeiler, die naast ons ligt om zg. Pipi's (een soort van kokkel) te jutten. Bij laagwater hoef je maar in het zand te graven en je vindt er tientallen. Sjonge, dit is stukke makkelijker dan vissen. Je bereidt ze als mosselen en zodoende eten we die avond spaghetti a la Vongole. 

                              

Pipi's, het pieletje is niet wat je denkt, maar een tong.

Zoals altijd houden we het weer in de gaten. De voorspelling is dat de wind gaat draaien met daarbij regen. We varen via het noorden naar de andere kant van het eiland voor een betere beschutting. Het anker valt in Bradsaw Bay bij Kaikoura Island en net voordat de regen komt kunnen we er nog een leuke wandeling maken.


Tja, ook dit is het zeilersleven, maar we zitten wel droog hoor. Het wordt dus klussen aan boord.

We trotseren de regen, die inmiddels al 3 dagen valt en motorzeilen naar Port Jackson, ten noorden van het schiereiland Coromandel. Het weer klaart op en al hoppend via verschillende ankerplekken zakken we af naar Coromandel Harbour. Het bijbehorende plaatsje stelt niet veel voor, maar de cappuccino met gebak smaakt bijzonder goed!
Coromandel staat bekend om het kweken van mosselen en oesters. De mosselen krijgen we van de buurman, die op een boot woont waar wij van dachten dat die uitgebrand was en rijp voor de sloop. Sporen doet hij volgens ons niet helemaal. Hij heeft het over de kroonprins van Tahiti, die bij hem aan boord verblijft.... ach, het is het gebaar wat telt en de mosselen smaken erg lekker.
Tijdens het wandelen lopen we langs de loodsen van de mossel- en oesterkwekers. De netten en boeien, die op de wal liggen te drogen, stinken een uur in de wind. De oesters worden bij de receptie verkocht -lezen we op een bordje- en we laten een dozijn wegzetten om ze na de wandeling op te halen.

                            

Het getij verschil is hier zo'n 2,5 meter. Soms hebben we geluk en is er een lange pier waar we de bijboot aan kunnen leggen. Maar niet altijd en dan is het klunen en trekken om de dinghy hoog genoeg op het droge te krijgen.


De wilde gember, volgens de informatieborden hier onkruid afkomstig vanuit Zuid Afrika. Ons vind dit 'n pragtige blom!


Coromandel Harbour met oesterbedden. Wij liggen ergens in het ondiepe gedeelte met een opgetrokken kiel.


Tja, als je er dan toch bent moet je er ook maar van genieten op Coromandel.

We liggen hier een paar dagen en Niels maakt een modificatie voor de windgenerator. Uit aluminium zaagt en buigt hij een soort vaan, waarvan hij het model van Malcolm heeft gekregen. Met veel balanceer werk op de reiling monteren we het netjes geschuurde en zwart gespoten vleugeltje bovenop de windmolen. Ze blijft nu veel beter op de wind gericht staan en met hopelijk een betere stroom opbrengst.


Huisvlijt.