zaterdag 16 september 2017

Onderwaterwereld bij de Komodo en Gili eilanden

September 2017


De haven bij Labuan Bajo


Het duikprogramma.


Ok!


Bij Gili Trewangan met een originele outrigger de zee op. De onderstaande foto's zijn gemaakt door Sue Dall.


Gili T







                                






                             






dinsdag 29 augustus 2017

Flores

25 augustus 2017


Stars End 2 voor anker

Bij het krieken van de dag verlaten we Bone Rate en steken in feite de Flores Zee dwars over naar Riung, op het eiland Flores. Hier hopen we weer wat boten van de Rally te ontmoeten. Ondanks de lichte wind kunnen met een aandewindse koers wat meer wind over dek creëren en hebben zodoende toch een lekkere snelheid. Wanneer de lichte zuidoosten wind krimpt en aantrekt rond het middaguur kunnen we de code O opentrekken en meer snelheid maken. Aan het eind van middag valt het anker bij Pulau Tangil, een van zeventien eilanden van het nationale park van Riung.


De volgende dag gaan we na het snorkelen naar Riung zelf waar we de boten Chi en Melipal treffen. We regelen voor de volgende dag een auto met chauffeur, Hezbola genaamd........, en gaan met 7 man op pad. De dag begint al vroeg en via behoorlijk slechte wegen rijden we door de bergen naar Bena, gelegen aan de zuidkant van Flores. Dit traditionele dorp met gerietkapte daken ligt aan de voet van de vulkaan Inerie. De naam dorp is nog te veel voor de 2 rijen huisjes met in het midden een langgerekt erf. Het is één van de traditionele dorpjes van de Ngada bevolking, waar de vrouwen prachtige Ikats maken. 


Het dorpsplein


Op sommige huisjes staan de mannelijke of vrouwelijke symbolen op het dak.

                            




Na een lunch in het drukke stadje Bajawa worden op de terugweg de hotsprings nog bezocht. Aangezien het zondag is, is het een drukte van belang met de lokale bevolking, die er lekker op los plonzen. De mannen in zwembroek, maar de vrouwen volop gekleed en wij als toerist worden weer volop gefotografeerd. 

De volgende dagen hoppen we met een tussenstop in Bari Bay en het idylische Sabibi eiland naar Labuan Bajo, aan de westkant van Flores. Het rommelige stadje is vol met toeristen, die hier allerlei excursies naar het Komodo nationaal park boeken. Deze eilanden staan bekend als een prachtig duikgebied en natuurlijk de "draken". 
Ook wij gedragen ons als toerist en boeken bij Uber Scuba een duiktrip voor de volgende dag in het noordelijke gedeelte van de Komodo's. Hier vind je oa. Castle point (zeeberg), De Cauldron en Golden Passage, volgens de brochure prachtige stekken, maar met de nodige stroming, vandaar dat we deze met een duikschool willen maken. In 2 uur tijd varen we met de grote houten boot gevuld met 16 duikers en 4 instructeurs naar noord Komodo en na een uitgebreide briefing over de eerste duikplek gaan we het water in.


Dat er stroming staat blijkt wel als we tot 2 keer toe het waypoint om bij Castle point te komen missen. We worden weer opgepikt en nu aan de achterzijde gedropt. Hier kunnen we zonder problemen naar beneden komen. Gelukkig gaan de andere 2 duiken volgens plan. We zien prachtig gekleurd koraal, schildpadden, grote trevallies en vele groepen met vis. Al hangend aan een plateau waaieren we door de stroming als vaantjes in de wind. De vissen hebben er geen probleem mee. Als we los laten, schieten we als kanonskogels door de passage. Weer een prachtige dag en ervaring! 


Het is inmiddels donker als we weer terug komen in Labuan Bajo. We starten de motor van de dinghy en die weigtert dienst. Gelukkig vinden we een lokale visser, die ons naar de 2 Nm verderop gelegen ankerplek van Waecicu kan brengen. Weer een klusje voor de schipper...
Voordat we naar Rinca gaan om de draken te zien, verkassen we naar een nieuwe ankerplek, waar we tijdens een BBQ de nodige boten treffen van de rally. 


Het wordt motorzeilen naar Rinca en we gaan die middag nog aan land om de toegangskaarten te regelen. Inmiddels zijn alle commerciele boten weg en liggen we met nog 2 andere boten in de beschutte baai. Onder het gekrijs van de apen zien we een bijna volle maan opkomen. 
Om 06 uur staan we bij het ranger station en samen met de gids doen we de lange wandeling. We zien de grote varanen, sommige zijn tegen de 3 meter. De vrouwtjes leggen in de maanden juni - augustus eieren, 15-30 stuks. In het begin let ze nog op haar eieren, maar zodra de natte moeson begint, verlaat ze haar gevulde kuil, want dan is het gevaar voor leegroven geweken. Na 9 maanden komen de eieren uit en het eerste wat een jonge varaan doet is in een boom klimmen, om de kans om opgegeten te worden te verkleinen. Zelfs ma laat zo'n lekker hapje niet schieten. Naast de 14 draken zien we de waterbuffel, herten, apen en zwijntjes.


De mannen.


Het vrouwtje bij haar nest.

De Komodo eilandengroep is prachtig, maar je bent erg beperkt in het ankeren. Meer en meer is het verboden om ergens te liggen en de kans op een mooring is klein, aangezien deze worden ingepikt door de lokale boten.
We hebben mazzel bij Sabayor Besar, waar we er één kunnen oppikken en hebben hier 2 relaxte dagen. We maken met zijn tweeën nog een prachtige duik. Hier geen stroming en bij het afdalen zien we direct een grote grijze Napoleon vis en ook hier weer prachtig koraal.
Nog een laatste stop bij Noord Komodo, waar we samen met wat andere boten veel plezier op het strand hebben met het spel Finska.



zaterdag 26 augustus 2017

Baubau & Takabonerate

 14 augustus 2017


We besluiten Hoga eiland te verlaten nu er nog wind is. De weersverwachting voor de komende dagen geeft weinig wind en dus zetten we zeil richting het westen. Het wordt een prachtige zeildag en het anker valt net buiten het koraal in het zand van Kondowa Bay (Buton) tussen de lokale vissers. 
De volgende dag is het helaas wel motoren geblazen om bij Baubau te komen aan de ZW kant van Buton. Niet echt ons idee om hier verzeild te raken, maar soms volg je andere zeilers. Nu we er toch zijn en er ook geen wind is, maken we er maar het beste van. Het is de grootste stad op het eiland Buton en op de wal is het een drukte van belang. We struinen 's avonds langs de boulevard vol met eettentjes en koopwaar, varierend van plastic speelgoed, goedkope zonnebrillen en horloges. We eindigen op een modern dakterras wat gebouwd is op een container met live muziek. Nergens wordt alcohol geschonken en eigenlijk is dat (soms) best prettig. Geen dronken gasten op straat en drinken kunnen we ook wel aan boord. Overal waar we lopen willen mensen met je op de foto. Af en toe word je er ook wel gek van, want wat doen die mensen met dit alles?
Bij toeval lopen we in de supermarkt tegen Caleb aan, een Amerikaan, die hier al 10 jaar woont. Hij biedt aan om ons de volgende dag wat van de omgeving te laten zien, waar we graag gebruik van maken. Het fort Keraton gebouwd van vulkaanstenen wordt bezocht en het schijnt een van de grootste ter wereld te zijn. Ooit woonden hier sultans met hun hele gevolg. 
Na een mooie wandeling komen we bij watervallen waar we heerlijk kunnen afkoelen in zoet water. Samen met Caleb en zijn gezin sluiten we de dag af met heerlijk Indonesisch eten in een mooie restaurant aan de waterkant. 


Heerlijke verkoeling in de watervallen bij Baubau


We krijgen regelmatig bezoek van de locals. Primitief maar bijzonder vriendelijk.

Op de 17de augustus is het de Onafhankelijks Dag van Indonesie, gewoonlijk wordt dit gevierd met veel marcheren. Aangezien het hoogtepunt hiervan al enkele dagen terug was houden we Baubau verder voor gezien en motoren samen met Stars End 2 naar het 12 mijl verderop gelegen eiland Siompu. Hier vind je naast een paar hutten van de lokale visser helemaal niets en dat vinden we eigenlijk wel prima. Het water waar we het anker laten vallen is prachtig blauw en gelukkig niet te diep.



Siompu Eiland. ZW van Buton.


Grote groepen met dolfijnen. We herkennen ze niet, maar ze hebben walvis "trekjes".


Lokale visser in Siompu. 

Het plan is om naar de Taka Bone Rate eilanden te zeilen, een afgelegen archipel tussen Buton en het zuidelijk gelegen eiland Flores. Dit is een gebied met laagliggende eilanden, atollen, riffen en koraal. Na weer een overnachter en de nodige visboten en netten op ons pad komen we aan bij een atol waar we willen ankeren. Op de kaart leek het interessanter dan in werkelijkheid. Het is er choppy en we gaan op zoek naar een betere plek. Met de verrekijker kijken we naar de vele kleine eilanden, die werkelijkwaar tjokvol met houten huizen staan. Plotseling spot ik een klein eiland met een enorm lange steiger en wat huizen. Het lijkt op een resort en ziet er veel belovend uit. We kijken of we er kunnen ankeren, maar zoals overal gaat het hier van ontzettend diep in no-time naar 2 meter. Helaas geen zandbodem, maar allemaal koraal en rif. We benaderen de kopse kant van de steiger en wat handen en voetenwerk met de bewoners vragen we of we hier kunnen liggen. De steiger ziet er redelijk betrouwbaar uit en de diepte is rond de 5 meter. De lokale mannen vinden het reuze interessant en even later liggen we vast. Het is werkelijk een paradijs, met water wat blauwer is dan blauw, maar de keerzijde is het vele plastic wat je overal langs de waterkant vindt. Het is alom bekend dat Indonesie/Azië een van de grootste vervuilers ter wereld zijn. Tot op heden valt het nog "mee"! Maar je wordt er niet vrolijk van als je dit alles ziet. Het blijkt richting het westen nog veel erger te zijn. Men gooit gewoon plastic bekers het water in en gebruikt de zee als afval emmer. Als je beseft dat hier overal ontzettend veel mensen wonen met deze mentaliteit vraag je je af hoelang dit nog kan duren. 


Tinabo Island gelegen in de Taka Bone Rate eilanden groep. Het 3de grootste koraal atol ter wereld. 


Het water is zwembad blauw, maar de keerzijde is de opeenstapeling van troep langs het strand varierend van plastic flessen, slippers en andere spullen. De staff van het "resort" op het eiland die werkelijk niets te doen hebben, want er zijn geen gasten, ruimen niets op.

                            

Prachtig strand, maar we zoemen maar niet in op de linker kant......!!!!

In de nacht pikt de wind op en om te voorkomen dat we de steiger uit zijn voegen trekken verlaten we dit prachtige plekje. Slalommend zeilen we tussen de riffen naar Tanahjampea en liggen we beschut achter het eiland en een rif. Het is een echt vissersdorp en dat is als we aan wal gaan goed te ruiken. Aan de wallenkant zijn grote rekken met daarop allerlei soorten vis wat ligt te drogen. Onder de rekken scharrelen de kippen. Benieuwd hoe hun eieren smaken? Het is een rommelig dorp, maar met ook weer vriendelijke mensen die ons als "aliens" beschouwen.


Jampea vissers dorp.


De rekken waarop de vis ligt te drogen.

We vinden een warung waar de mannen heerlijke nasi goreng eten, maar wij, Nikki en ik, een pittige gado gado krijgen, waar we het nu nog warm van krijgen. De koude Coca Cola wordt via een scooter bezorgd. Met een app op de telefoon proberen we met elkaar te communiceren, want de Indonesische taal zijn we nog steeds niet machtig.


Giebelende kokkinnen in hun kombuis. We eten hier Gado Gado, maar net iets te pittig!!!


Frank en Nikki, prima gezelschap, waar we mee op stap zjin. Naast snorkelen en bezoeken van eilandjes, eten we om beurten bij elkaar aan boord en natuurlijk ontbreken de borrels niet.

Via een sluiproute willen we de volgende morgen naar de onderkant van het eiland varen. We komen een heel eind, maar dan wordt het toch te ondiep en moeten we keren. Helaas 10 mijl omvaren om bij de volgende ankerplek aankomen. In de baai waar we voor anker liggen zien we rond zonsondergang de hele vissersvloot van het dorp naar zee gaan en verlichten ze met hun felle lampen de hele horizon.  We tellen ruim 40 lichten (lees boten!!) En zijn blij dat we hier voor anker liggen en niet 's nachts op zee zijn.


De Squid boten aan de horizon met hun felle koplampen om de vis aan te trekken.

Als in de vroege morgen de vissers schepen weer terug keren, gaan we anker op en met een voor de verandering aandewindse koers zeilen en kruisen we naar het eiland Bone Rate. 
Op dit eiland worden nog op traditionele wijze de Phinisi schepen gebouwd en vanaf de ankerplaats zien we de nodige boten in aanbouw liggen. Aan de wal gekomen worden we omringd door kinderen en voelen we ons als de rattenvanger van Hamelen. De dorp is schoon en de huizen en tuinen zijn netjes en omringt met struiken en bomen. Een totaal ander dorp als Jampea, maar ook hier ligt de waterlijn van het strand vol met plastic. We zien de boten in de steigers, waar druk aan gewerkt wordt. Het is nog werkelijk handwerk met ouderwetse methodes en materialen. De boten worden nog gebreewd met vlas en de stalen draadeinden afgedopt met duvels.


Een van de vele Phinisi boten in aanbouw.





Ouderwets handwerk


Binnenkant van een Phinisi

                           

Helaas zien we dit ook heel veel.




dinsdag 15 augustus 2017

Wakatobi eilanden

06 augustus 2017

Zondagmorgen gooien we de trossen los en halen -gelukkig zonder problemen- het anker op. We lagen met de kont richting de kade en het anker op 23m diepte. Menig boot dat vertrok had problemen en zat vast of trok rommel omhoog. Banda Neira raakt uit zicht en we vervolgen onze reis over de Banda Zee richting de Wakatobi eilanden. We verlaten daarmee voor enkele stops de Rally, omdat we wat anders willen zien en niet steeds onderdeel willen zijn van Indonesisch toerisme propaganda. 


We moeten 400 Nm (700km) overbruggen voor we bij Hoga eiland zullen aankomen. De ZO wind blaast ons met 14-18 knopen door de eerste dag en nacht. De zee is kalm en met een bijna volle maan is eigen licht overbodig. In onze voetsporen zeilt de Stars End 2, altijd fijn om een AIS contact in de buurt te hebben.
De volgende dag trekt de wind aan, maar nog steeds prachtig weer. In Indonesië kijk je niet alleen naar de horizon, maar ook in het water. De nodige losse boomstammen komen voorbij gedreven en zien we de eerste FAD's (fish attrackting device) als een vierkant bamboe staketsel voorbij komen. Deze onverlichte opstakels, inclusief net, komen in allerlei vormen en maten voor en drijven lukraak in de oceaan. De coördinaten geven we door aan de achter ons zeilende mede cruisers. Dit fenomeen zal ons waarschijnlijk bezighouden zolang we in Azië zeilen. Op radar zijn ze ook niet te zien.
Het is lekker om weer te zeilen en met zijn tweeën te zijn. Tijd om te lezen, geen Engels te hoeven praten, blog bijwerken en even helemaal niets doen. Een boterham met kaas en een Nederlandse prak smaken ook weer heerlijk na het vele, weliswaar lekkere, Indonesische eten.
De tweede nacht gaat voorbij. We passeren een noordzuid route voor de grote scheepsvaart van en naar China/Australie. Gigantische tankers, maar prima zichtbaar op ons scherm. 's Morgens hebben we dan eindelijk een bultrug walvis langszij, al diverse keren zien we in de verte het spuiten ervan, maar verder niets.
Door de goede wind en onze snelheid redden we het om die dag nog aan te komen en valt halverwege de middag het anker in 33 meter !! water. We liggen beschut achter het rif in blauw water, ook Nikkie en Frank van de Stars End 2 komen die middag aan, terwijl de rest van de vloot achter ons moet afremmen en nog een nacht op zee moeten doorbrengen. Zij zouden anders in het donker aankomen. Niet helemaal eerlijk, maar het is wel een lekker gevoel om achter het anker te liggen met een normale nachtrust en niet te hoeven letten op obstakels in het water.


Hoga Island, onderdeel van de WaKaToBi. WAngi Wangi, KAledupa, TOmia en BInongo eilanden.

We maken kennis met Geertje, een Nederlandse, die al 23 jaar in dit gebied verblijft. Zij helpt de mensen hier op Hoga om een duikschool op te zetten en runt zelf ook een dive resort. We worden spontaan uitgenodigd voor haar verjaardag, die samen met de lokale bevolking wordt gevierd. 
Met dive master Asrul doen we 4 duiken rondom het eiland. We zien scholen met Barracuda's, talloze tropische vissen en prachtig levend kleurrijk koraal. Een enkele zeeschildpad zien we voorbij komen. We ontmoeten Lianne en Cynthia, die hier een maand vakantie vieren en dagelijks duiken. Duiken is overigens hier niet perse nodig, het snorkelen is ook zeer de moeite waard. Diverse keren gaan we met de dinghy er op uit en laten ons meedrijven met de stroom.








Lunch bij Hoga resort.


Asrul, de duikinstructeur met familie.


Mooi gezichtje.


Met Pondang naar de sea gypsies.

Overdag worden we bezocht door vrouwen en mannen in kano's met koopwaar afkomstig van Sampela. Dit dorp op palen wordt bewoond door de Bajoa's, ook wel Sea Gypsies genoemd. Het ligt aan de overkant van Hoga Island net voor het eiland Kaledupa. Samen met Pondang, een ondernemende Bajoa, bezoeken we dit dorp. We worden opgehaald in een open en zeer smalle onstabiele boot. We zien de "huizen" op palen, die na een jaar weer vervangen moeten worden en verbonden zijn met krakkemikkige steigers waarvan de meesten hard aan vervanging toe zijn. Toch is er een kliniek, school en bibliotheek. Volgens de verhalen komen de oorspronkelijke bewoners uit de Filipijnen. 
Het is altijd een beetje dubbel, we maken met onze camera's foto's van de toch wel zeer primitieve leefwijze en het voelt als "aapies" kijken als we over de steigers lopen. Volgens Pondang, die ons uit had genodigd, is dit zeker niet het geval. In meeste gevallen is het zelfs andersom en moeten wij met hen op de foto! Ondanks deze -in onze ogen- armoede lijken ze goed gevoed en gelukkig, maar veel keuze hebben ze ook niet!!! Wij zouden voor geen goud met ze willen ruilen.
Nikki en Anita hebben vanuit Australië pakketten met speciaal ondergoed meegenomen. Dit is afkomstig van de non profit organisatie "days for girls", waar vrijwilligers inlegkruisjes maken van badstof met bijpassende ondergoed. Op deze manier kunnen meisjes gewoon naar school i.p.v. thuis blijven als ze menstrueren. Ze geven de spullen af aan de vrouwen van Pondang en zijn broer en gaan er vanuit dat zij het verder zullen verdelen in het dorp.


De fundering houdt het een jaar vol en moet dan alweer vervangen worden. 

                             

Houten planken worden verstrekt door de Indonesische regering. Hoog tijd voor een nieuwe lading.


Zelfs voetballen doen ze op de steigers. 




                                

Rosa, de vrouw van Pondang heeft samen met haar zus een uitgebreide lunch voorbereid.


Geen droogmolens.