vrijdag 21 september 2018

Noordwest Madagascar

September 2018


We zeilen alweer ruim 3 weken in het noordwesten van Madagascar. Prachtig weer en voorspelbare winden: 's morgens landwind en in de middag pikt de zeebries op. Het water is blauwgroen, afhankelijk van waar het anker valt. We zien, gelukkig, weinig vuil op en in het water. Het koraal is gezond met genoeg tropische vissen, een verademing na de Malediven. Ook aan deze kant van Mada zien we de nodige walvissen, onderweg en vanaf de ankerplaatsen. Het landschap varieert van oranjerode heuvels naar groen bebosde eilanden. Op weg naar Nosy Be doen we 3 ankerplekken aan.
 

Het dorpje Ambusa.

                               
           
Arm, maar evengoed vrolijk.

Komende vanaf Nosy Hara valt het anker in Andranoaombi Bay voor het "dorpje" Ambusa gelegen op het vaste land. De nodige kano's komen langszij en bieden hun handel aan. Vaak zijn het mango's, die van zIjn levensdagen niet rijp zullen worden, omdat ze te vroeg geplukt zijn. We delen t-shirts en visgerei uit. Bij het dorpje heeft de tijd stil gestaan, de hutten zijn gemaakt van palmbladeren, de vrouwen stampen de rijst, de kippen en eenden scharrelen erom heen en pikken een graantje mee. De kinderen spelen met zelfgemaakt speelgoed en het leven is simpel. Eén meisje, Evelyne, spreekt Frans en leidt ons rond. Slim als ze is bezoeken we de nodige familieleden, waar de nodige kledingstukken en andere spullen achterlaten. Haar moeder heeft last van haar ogen en we brengen later nog een flesje oogdruppels. 


Lekker!

Het is een prachtige zeiltocht van 34 Nm naar de beschutte baai van Mitsio, onderweg zien we 2 walvissen en zij ons gelukkig ook. De volgende dag worden we benaderd door een lokale visser in zijn kano. Hij heeft langoustines in de "aanbieding". Nou, daar hebben we wel oren naar. De pan met water gaat op en huppekee, daar gaan ze.... Die avond hebben we een heerlijke maaltijd samen met risotto. 
De mensen aan land zijn hier erg gereserveerd met name door hun religie, maar de kinderen genieten van een spontaan pantomine optreden van 2 Franse zeilers op het strand. (Mélodiesolaire.worldpress.com)
De volgende dag maken we een dagtocht naar het eiland Ancharea. Niels besluit om de de schroef schoon te maken met de scuba tank, maar even nadat hij in het water is pikt de wind behoorlijk op. Na een kwartiertje is hij het zat, want de boot gaat alle kanten op.


Ancharea, een dagankerplaats, net een stuk rots met een zandstrand bij laagwater.

Tsara Bajina is de volgende stop, een bounty eiland met een prachtig strand en dito resort. We hebben er een heerlijke lunch en wandeling op het strand. De ondiepe ankerplaats wordt 's avonds met de draaiende wind en getijde ontzettend onrustig. De boot gaat als een wipkip heen en weer en om 22.00 zijn we het zat. We gaan in de donker ankerop en met 3 knoopjes snelheid op weg naar de volgende bestemming. Het is volle maan, we hebben goede kaarten en kunnen nu om beurten slapen. Op het fokje zeilen we naar Sakatia met het tot nu toe helderste water. We zijn nu in het zeilgebied rondom Nosy Be. We zwemmen en snorkelen vanaf de ankerplek met zeeschildpadden en maken met de duikschool van Sakatia Lodge een paar mooie duiken. Eindelijk zien we bekende boten en hebben ouderwetse sundowners aan boord. 



De lokale dhows, houten boten met zeilen waar de nodige gaten in zitten. Het is een prachtig schouwspel als ze voorbij komen.

Hell-Ville is de hoofdstad van Nosy Be en heeft een drukke ankerplaats. Het is er een komen en gaan van lokale boten, groot en klein. De eerste avond zeilt er een kleine dhow tegen ons aan. Het is aardedonker en de "boosdoener" maakt snel dat die weg komt. Ondanks de sterke zaklantaarn kunnen we niet goed zien wie of welke dhow het is. Eigenlijk maakt het ook niet uit, want verhalen kun je toch niet. De volgende dag zien we de schade, 2 kromme septers en een paar schaven langszij. In eerste instantie balen we ontzettend, maar gelukkig weet Niels ze redelijk recht te buigen. 
Er is een grote groente en fruitmarkt, een redelijke supermarkt en een paar koffieshops. De beste, vinden wij, is Casa Mofo met lekker stokbrrod, een goede cappuccino en tompouce!! 



Kroonmaki


Het zijn net speelgoed beestjes.

Met de tuktuk gaan we naar Lemuria park en zien voor het eerst de lemuren (Maki). Deze voorloper van de aap is er in allerlei soorten en maten. Oa. de Sifaka, ook wel dansende lemur genoemd, de roodbuikmaki, kroonmaki en een combinatie van zw/wit lemur. Ook diverse kameleons ontbreken niet.
In het park zijn de nodige ylang-ylang bomen. De bloemen daarvan worden geplukt, geperst en gedestileerd. De eerste persing wordt gebruikt in de parfumindustrie en de rest van de olie verwerk in bv. massage olie. 
Op de ankerplek borrelen we met Wakanui en praten bij. Zij zijn direct van Chagos naar Madagascar gevaren en zijn er dus al een tijdje. De volgende morgen hebben we hun kat Nero, een grote zwarte Maine Coon, aan boord. Nadine moet de boot met anti kakkerlak bommen behandelen en dat is niet aangenaam voor de kat.


Crater Bay, gelegen tussen Sakatia en Hell-Ville, ga ik de was te doen. In deze baai is een kleine yachtclub met de enige wasmachine in deze omgeving. In de pilot wordt deze baai vooral genoemd om de Franse gemeenschap en dan met name de "mannelijke singles", die met de jonge lokale meisjes rotzooien. Nu is dat niet alleen hier, overal in deze omgeving zie je dit verschijnsel. Het restaurantje bij de jachtclub is echter ontspannen en heeft goede pizza's.  


Aan de overkant van Nosy Be ligt op 20 Nm Mumoko, een klein eiland voor het vaste land van Mada. Als we er ankeren worden we er verwelkomt door 2 meisjes in een kano. Ze zijn bijzonder bescheiden en ik geef ze een deel van mijn garderobe. Ze zijn afkomstig van het eiland, waar een kleine gemeenschap woont. Op het eiland zien we weer tamme lemuren. Als de avond valt is het er bladstil en is het genieten. We kopen er onze eerste eendeneieren en die smaken heerlijk.


We hoppen door naar Russian Bay, ook aan het vaste land en één van de populairste plekken om te liggen. Sinds jaar en dag woont hier een Oostenrijker, Andreas, die hier samen met zijn Madagasy vrouw een "restaurant" heeft. We moeten van te voren boeken en de volgende dag eten we er krabcurrie, wat zonder het juiste gereedschap ontzettend pulken is, maar erg lekker smaakt. 


De tamme lemur heeft ontzettend zachte handjes en eten de banaan heel bescheiden uit je hand.

                            

Deze is echt..... 

In de dagen dat we hier liggen varen we naar Nosy Antsoha, dat ook wel Lemuria Island wordt genoemd. Op het eiland zien we weer 3 soorten Lemuren en ook deze pakken je hand en eten de banaan. Als je die handjes voelt, zo verbazendwekkend zacht. Het eilandje ligt voor een prachtig lang zandstrand, Coco Beach genaamd en met de dinghy gaan we er naar toe. We hebben er lunch en een spontane ontmoeting met de crew van de catamaran Harmony. Hun boot is gemaakt in Knysna en het is gezellig kletsen. Aangezien deze ligplek alleen geschikt is voor de dag gaan we weer terug naar Russian Bay. Aangekomen op de oude ankerplek worden we benaderd door local Paul, een Malagasy, die zich als gids presenteert. Hij heeft diverse excuries in een soort plakboek en we boeken voor de volgende dag een zeiltocht met zijn piroque inclusief lunch. 


Dagtrip op de piroque van Paul, de voorloper van een hobiecat..... UnWind op de achtergrond.

De volgende dagen doen we Sakatia weer aan. De 50ste verjaardag van de Zwitserse Doris (boot Muck) wordt hier gevierd en we zijn uitgenodigd samen met 30 andere zeilers. Het is een geslaagde verjaardag op een prachtlokatie. Ik maak nog 2 duiken met Sakatia Lodge en via Crater Bay, weer wasgoed en we organiseren diesel, gaan we door naar Nosy Komba. Hier eindelijk wat beweging en wandelen we naar de top en het Franse militaire kerkhof aan de andere kant van het eiland. De UnWind heeft inmiddels een groene jas en met behulp van de duikflessen maken we de onderkant van de boot schoon, scheelt een knoop in snelheid.....


Nosy Komba, hier worden prachtige tafellakens gemaakt en natuurlijk vind ik er eentje voor thuis op de tafel. Later op de dag maken de lemuren er een circusact van en balanceren op de waslijnen.


Een van de vele mooie zonsondergangen.

In de afgelopen tijd heeft Niels zich bezig gehouden met het emailen van marina's. In al de jaren onderweg zijn we lid gebleven van de Royal Cape Town Yacht Club en ze hebben een ligplaats bevestigd. De UnWind zal daar voorlopig blijven liggen. We hopen graag in Knysna te stoppen, omdat dit de dichtsbijzijnde haven voor Lily Pond zal zijn. Er worden behoorlijk wat emails over en weer gestuurd om iets te regelen, dan lijkt het erop dat we een plek in de marina te hebben. Een email later wordt dit geannuleerd, omdat de eigenaar zijn ligplaats voor langere tijd wilt verhuren ipv 3 weken. Het lijkt er nu op dat we misschien een plek aan een swingmooring hebben. We zullen zien!
We zijn niet de enige boot, die druk is met de volgende bestemming Zuid Afrika. Voor veel boten loopt het visum af en zijn gedwongen om uit te klaren. Voor ons is dit niet zo dringend, blijft wel dat ook wij in een bepaalde periode de oversteek van Madagascar naar Richards Bay moeten plannen. 

Dan nog een keer bij Hell-Ville voor anker. De markt en supermarkt wordt bezocht, nog een laatste keer Casa Mofo en we zijn klaar om verder naar het zuiden te zakken. In de komende weken gaan we op het gemak langs de kust tussen Nosy Be en Majunga. In de laatst genoemde plaats zullen we dan uitklaren en in Baly Bay een weerraam afwachten voor de oversteek naar ZA.

woensdag 29 augustus 2018

Walvissen!

Maandag 20 augustus 2018


Het is kwart over vijf in de morgen als de wekker afgaat. Terwijl de zon zich langzaam laat zien halen we het anker omhoog. We gaan via de oostkust van Madagaskar omhoog. We zijn nog niet de baai van Saint Marie uit en zien gelijk 15 tot 20 bultrugwalvissen om ons heen. Veel energie om te springen hebben ze op deze maandagmorgen niet. Wij ook niet dus genieten we van een rustig begin op vlak water tussen het vaste land en Saint Marie. Wanneer we meer op open zee komen is de wind zoals verwacht ZZO met 18 knopen. Met deze richting en snelheid gaan we als een speer met de Code 0.
's Avonds op mijn wacht terwijl ik buiten in de kuip zit hoor ik opeens een knal. In de maneschijn zie ik het silhouet van een uit het water springende bultrug, die dan met een smak in het water knalt. Bommetje!, maar liefs 5 keer herhaalt de grapjas het. Dat hadden we overdag graag willen zien voor de foto. De nacht zelf brengt veel buien met veranderende winden, die ons behoorlijk bezig houden met zeilwisselingen.

Dinsdag 21 augustus

Gelukkig trekt 's ochtends de buiigheid weg en hebben we een stralende dag, De wind is inmiddels toegenomen en ook krijgen we een knoop stroom cadeau. We liggen prima op schema. We zullen morgen rond 06.30 bij Cap d'Ambre moeten zijn welke we dan tijdens "slack" tij gaan ronden. Inmiddels is de avond gevallen en varen we alleen op het stagzeil om daar op het juiste moment te zijn. De wind komt inmiddels steeds meer van achteren en is toegenomen tot 25 a 30 knopen. Niels probeert te slapen als we opeens tegen iets aanvaren. Een WALVIS! Van een snelheid van 6,6 gaan we ineens terug naar 4 knopen. Niels komt snel boven en beiden kijken we over de stuurboordkant om polshoogte te nemen. We schrikken ons rot als we opeens een brul horen vlak naast de boot. Het blijkt de walvis die of geschrokken is of naar ons vloekt... We zullen het niet weten, maar zijn op slag klaar wakker. Wel doen we direct de motor aan, zodat Wally weet dat we een boot zijn en niet één of andere agressieve mannetjes walvis. We checken de roeren, stuur en kiel en alles doet het nog. Waarschijnlijk hebben we hem in de flank geraakt en hopelijk is hij of zij niet gewond. Morgen op de nieuwe ankerplaats maar het water in, kijken of we iets kunnen zien. 

Woensdag 22 augustus



In de vroege morgen zien we de vuurtoren en ronden we precies zoals gepland de kaap. Alles gaat gecontroleerd en nog steeds stroom mee. Wel is de zee wat ruw, maar dat is hier gewoon. Nog 20 Nm varen naar Nosy Hara aan de noordwestkant. Zodra we om de kaap zijn verdwijnt de deining en is het prima zeilen met alles omhoog. Het is net voor de middag als het anker valt. Zo, die kaap kunnen we van ons lijstje schrappen. Ze is vrij berucht, dus zijn blij dat we deze achter de rug hebben. De westkant va Madagaskar is veel rustiger water dan de Indische Oceaan.
In Madagascar heet een eiland "Nosy" en wordt op diverse manieren geschreven. Nosy, Nosi, Nossie, maar goed, we liggen dus in Nosy Hara, wat deel is van een natuurpark. Op voorhand ging het verhaal de ronde dat we hier parkfees moeten betalen, maar in de 2 dagen dat we hier liggen zien we niemand.


De volgende dag pakken we de bijboot en wordt het onbewoonde eiland verkend. Het zijn typische rotsen, sommige als bakstenen gestapeld en andere spits omhoog. Het lijkt op naaldvormig kalksteen (Tsingy), maar is zwartgrijs vulkaangesteente. Volgens Wikipedia zou Madagascar ooit een deel van het Afrikaanse continent Gondwana zijn geweest. Je vindt hier flora en fauna wat nergens anders op de 
wereld voorkomt. 


De bekende Boabab bomen.

donderdag 16 augustus 2018

Île Sainte Marie

13 - 20 augustus 2018


De taxi boys.
 
Ondanks de korte nacht zijn we bijtijds op en vanaf de ankerplaats zien we de walvissen voorbij zwemmen. Prachtig om te zien en erg blij dat we ze gisteravond niet zijn tegengekomen. Na het lanceren van de bijboot gaan we richting de havenkom. Er moet ingeklaard worden en we zijn benieuwd hoe dat gaat verlopen. Er gaan zoveel verhalen de ronde over veiligheid en steekpenningen en dan inklaren op een maandagochtend, gunstig of niet? We hebben ons licht opgestoken bij zeilers, die ons zijn voorgegaan en hebben we een idee wat we kunnen verwachten. Eerste gang is naar een pinautomaat voor de nodige lokale munteenheid Ariary, weer even puzzelen hoeveel wat is.

Île Sainte Marie, lokaal Nosy Boraha genoemd, is een langgerekt eiland ten oosten van Madagascar, 60 km lang en 5 km breed. Dit groene eiland heeft stranden, palmbomen, kaneelstruiken en is op Indonesië na de grootste in de handel van kruidnagels. Madagascar is een arm land, het gemiddelde dagloon is 1,5 euro.... 
Het is een stap terug in de tijd als we voet aan wal zetten. Het stadje Ambodifototra is een mix van stalletjes, bric en brac winkels en heel veel fietstaxies en tuktuks. Ook de personenbusjes ontbreken niet, normaal een 8 zitter, maar hier draaien ze er hun hand niet voor om om er 20 in te krijgen. Bagage, kratten etc. bovenop de imperial en rijden maar.


Als eerste komt de politie/immigratie aan de beurt. Ik heb mijn huiswerk gedaan en de nodige kopieën worden afgegeven, toch ontbreekt er één: dat van ons visa wat in Mauritius is geregeld. Geen probleem: kopietje wordt gemaakt en na een nodige keren alle papieren op volgorde te hebben gelegd komt de rekening: Ar 20.000 (€5), terwijl het gratis zou zijn. De agent verklaart dat dit de kopieerkosten zijn en als we zeggen dat dit toch wel een duur kopietje is, worden het in één keer administratiekosten. Ach, het is het hele spel. Het paspoort wordt gestempeld en we krijgen een handgeschreven bonnetje.


Onze vrienden bij de douane, één zeiler noemde de man achter het bureau "de grote goochelaar", raden waarom. Met een grote tandloze lach stempelt hij onze uitklaringspapieren vanuit La Réunion en hup Ar 60.000 armer. Nu lijken dit grote bedragen, maar het is in feite maar €18,00
Bij de kustwacht is het alleen betalen en daarmee is de kous af. Achteraf viel het dus reuze mee en zijn het allemaal vaste bedragen. Er zijn landen geweest waar de rekening hoger was.


Nu we vrij zijn om te gaan, willen we direct een simkaart voor het internet regelen. Telma is de aangewezen partij, maar we komen er om vijf voor twaalf, dus lunchpauze. We hebben geen zin om tot 14.00 te wachten, morgen weer een dag. (bovenstaande foto is de kassa)
We lunchen lekker met een pizza en gaan weer terug aan boord: buikie vol, oogjes toe. Die avond liggen we met de kippen op stok.


De beste manier om het eiland te verkennen is de scooter, zo gezegd, zo gedaan. Dit keer hebben de wielen grote profielen om de zg. pot holes te nemen. Helm op en richting het noorden waar de heilige baden zijn. Nauwelijks hebben we de stad verlaten of er is controle. Politie, die alleen toeristen aanhouden voor controle van de paspoorten. We hebben alleen een kopie bij ons, origineel verklaren we  bewaren we in de kluis. We komen ermee weg en tuffen verder. De vegetatie is net als bij ons in ZA en we vervolgen de weg langs kreekjes en dorpjes.

                           

In de vele kreekjes wordt de was gedaan.


We maken een pitstop bij een resort en vervolgen de kronkelweg met de nodige gaten. We zien vele houten huisjes met keurig aangeharkte erfen en overal kippen, eenden en ganzen. In het noordoosten zijn de 3 heilige natuurlijke baden, waar we na betaling van wat Ari's, door een gids naar de baden worden gebracht. De op de kust beukende golven is prachtig om te zien, helemaal als je op het land staat. We lunchen er en bij het restaurant zien we onze eerste lemur, voorloper van de aap. Het zwartewitte beestje zit in een kooi, niet echt leuk om te zien. Hopelijk gaan we ze in betere omstandigheden zien. 


Overal op het eiland vind je deze huisjes, gemaakt van palmen. Elke gezin heeft diverse hutjes, waar oa gewoond en gekookt wordt.

In Réunion heeft Niels diverse keren zonder problemen de ankerlier getest, maar nu bij gebruik is het weer met horten en stoten. Hij trekt toch maar de stouten schoenen aan en haalt de electrische motor eruit en demonteert hem. Wat Niels al verwachtte zijn 2 van de 4 koolborstels behoorlijk ingesleten, daarbij is de stator vol met smeer en vuil. Alles wordt schoongemaakt en op de wal proberen we bij diverse bedrijfjes nieuwe "brosse de chabon" te krijgen. Helaas hebben ze geen van allen de juiste maat, dus monteert Niels de oude er weer op met succes! De ankerlier draait als een zonnetje en kunnen we voorlopig verder. We weten dat in Nosy Be een bevriende boot ligt, die voor 2 weken naar Engeland gaat en misschien kan hij nieuwe meenemen. 


De motor zit er weer in en doet het!

Zodoende hebben we elke dag wel wat te doen, we struinen de winkeltjes af en kopen wat souveniers om de lokale middenstand te helpen. De onderkant van de boot is inmiddels groen uitgeslagen, dus alle 2 een borstel en schrobben. Er wordt lekker geluncht en voor we het weten is er bijna een week voorbij. 
Vanaf dit eiland gaan we noordwaarts en moet de Cap d'Ambre, de noordkaap van Madagascar, worden gerond. Net als vele kapen is ook deze berucht om de wind en stroming en de meest ideale situatie is om er op hoog-of laagwater slack te zijn...... 
Niels haalt elke dag het weer op en het lijkt erop dat maandagochtend een goed moment is om te vertrekken. Het is 350 Nm en als alles uit komt zouden we erop woensdagmorgen op LW slack moeten zijn!
Inmiddels is de port captain bezocht en is de vergunning voor vertrek geregeld en zijn we in principe klaar voor vertrek.


De slager hebben we maar overgeslagen....


De bijbootoppassers, hoe ze heten ben ik vergeten, maar altijd vriendelijk en behulpzaam.




    




Madagascar, Ile Sainte Marie

 10 - 13 augustus 2018


Je zou ze toch zo meenemen.

Vrijdag augustus.

De wekker gaat om 05.30 en terwijl Niels de katjes nog een keer eten geeft, zorg ik dat we vaarklaar zijn. Het is nog donker als de lijnen los gaan en met een piepende Rataplan op de steiger verlaten we Le Port. Beiden hebben we het moeilijk, wat voor toekomst hebben deze dieren. 
Tegen de verwachting in hebben we de eerst 13 uur nauwelijks wind. Gek word je van! Volgens de wet van Bartje zou er 20 knopen wind staan. We zijn dan ook blij als de motor 's avonds om zeven uur uit kan en we kunnen zeilen. Het wordt een zwaarbewolkte en donkere nacht.
We hoopten de afstand van 400 Nm naar Ile Sainte Marie, Madagascar, in 3 dagen en 2 nachten te kunnen doen en voor de donker aan te kunnen komen, maar met het huidige windverhaal gaat die vlieger niet op. We weten dat de ankerplek in Ambodifototra eenvoudig aan te lopen is, dus daar houden we ons maar aan vast. 
De bewolkte morgen gaat over in een zonnige middag. Overdag zitten we in t-shirt en korte broek, maar zodra de avond valt zitten we al snel in langebroek, fleece en sokken. 
De met sterren gevulde tweede nacht gaat over in een mooie dag. Inmiddels staat de Code O op en gaan we met 6-7 knopen op ons einddoel af, ETA ergens vroeg in de nacht. De wind komt pal van achter en met de uitstaande deining is dit een vervelend verhaal. We hebben er het minst last van door voor de wind weg te kruisen, maken wel wat meer mijlen, maar dit maakt niet uit.
Ile Sainte Marie ligt aan de oostkust van Madagascar en de oceaan gaat hier 30 Nm vanuit de kust over van een diepte van 5000 meter naar 20-30 meter. We weten dan ook niet wat de toestand van de golven hier zullen zijn. Naast dit zijn er ook vele walvissen, die hier in de maanden juli t/m september verblijven. Als we aan de onderkant van het eiland komen hebben we geen brekers of verwarde zeeën ondanks de ondiepte. Natuurlijk is nu de wind opgepikt en maken we met alleen de Code O  8-9 knopen snelheid. Met onze vingers gekruist zeilen we de laatste 11 Nm naar de ankerplaats. Ondanks de donkere nacht is de aanloop goed te zien en valt het anker om 02.00 uur 's nacht. De klok gaat een uurtje terug en we nemen nog een afzakkertje op de goede tocht en het feit dat we vrij zijn gebleven van walvissen. 

                 

Ile Sainte Marie, ook wel Nosy Boraha. De ankerplek ligt aan de westkant van het eiland bij het stadje Ambodifototra. We zullen weer moeten wennen aan namen, die overal anders worden genoemd. De topattractie zijn de bultrugwalvissen in het Canal de Sainte Marie.


Het uitzicht vanaf de kade naar de ankerplek. De ondiepe havenkom wordt door de ferry gebruikt, die op en neer vaart naar het vaste land.


donderdag 9 augustus 2018

La Réunion

Juli - augustus 2018

Tweeëntwintig uur na vertrek van Mauritius komen we aan in Le Port, La Réunion. We hebben alles kunnen zeilen, maar de deining heeft ons behoorlijk bezig gehouden tijdens de tocht. Voor het eerst in alle 6 jaar dat we de boot hebben ervaren we een klapgijp. Tijdens mijn wacht valt op de top van een golf de wind weg en valt de boot terug in een dal. Met een knal gaat de giek over naar de bakboordkant en ook direct weer terug. De bulletalie met een spectra lijn van 8 mm is finaal geknapt. Snel zorgt Niels dat de giek weer gezekerd is en kunnen we gewoon door. We komen met de schrik vrij.
Bij aankomst staat Angelique van het havenkantoor al te wachten om de lijnen aan te pakken. We zijn nauwelijks klaar of de douane arriveert al bij de boot, zelfs op zondag!  Het inklaren is in 5 minuten gepiept en welkom in Réunion. Wat een verschil met sommige andere landen. Aangezien de marina vol is moeten we de eerste 2 nachten aan de kade. De plek is prima, alleen het is een aardige tippel naar het dorp. Zoals verwacht is alles dicht, behalve de bakker, waar we direct lekker gebak en stokbrood kopen. Je moet tenslotte toch zelf de slingers ophangen!


Darse Plaissance, de marina in Le Port. Ankeren is uitgesloten in Réunion en moet je de pil slikken om in de marina te liggen. De toegang tot de steigers is beveiligd, maar de kade en trappen erom heen zijn openbaar. 's Avonds is het dan ook een plek voor de jeugd om lekker te hangen en te eten. Niets mis mee, alleen zouden ze hun troep mee moeten nemen, maar helaas gebeurd dit te weinig. 
De trappen zijn perfect om te "steppen" en op deze manier probeer ik gecombineerd met een rondje joggen mijn conditie weer op peil te brengen. 


Rataplan, "onze" steigerhond. Ooit met één van de zeilers meegelopen vanuit het dorp en heeft nu zijn plek op steiger B. Iedereen geeft hem wel eten, alleen een eigen baasje krijgen zal er niet in zitten. Aan de overkant van de kade zitten 3 jonge katjes, dus Niels is er elke avond druk mee om eten te geven. Het zijn schatjes en zolang we er zijn hebben ze in ieder geval een vol buikje.


Heerlijk en dan heb je ook nog de afdeling met het brood...... 

We kijken uit om het eiland te verkennen. Het bus vervoer "CarJaune" is prima geregeld en in de eerste week pakken we oa. de bus naar de kustplaatsjes St. Pierre en St. Deniz. De laatste is de hoofdstad van het eiland. Het eiland is Frans overzees grondgebied en we betalen weer met de euro. 


Le Hangar, een klein lunchrestaurant, waar de "chef niet bijt".


Opblijven tot na twaalven, maar dan heb je wel wat. De eclipse met de bloedmaan.


Perfecte wegen, mede dankzij de EU. Deze weg in aanbouw bij St. Deniz is de duurste ooit. Budget vele malen overschreden en nu blijkt dat er niet genoeg materiaal is voor de laatste pijlers. Moet nu uit Madagscar worden geimporteerd! Tot zover zijn de kosten meer dan 2 biljoen euro!

Réunion staat bekend om de vele buitensporten en een skala aan wandelingen en dat laatste gaan we zeker doen. We huren een auto voor een week en gaan de 3 cirques (bergen) in het midden van het eiland bezoeken. Ipv de snelwegen pakken we de kleine weggetjes en is het volop genieten. Voor vertrek brengen we eerst een bezoek aan de bakker en picknicken we onderweg. We rijden vanuit Le Port naar Dos d' Ane en lopen naar Cap Noir. Het heeft een prachtig uitzicht over Cirque de Mafate. Via de noordkant rijden we naar Cirque de Salazie met zijn vele watervallen en komen in het dorp Hell-Bourg terecht. Het wordt een mooi klim om bij de Gîte van Belouve uit te komen. Precies op tijd om van het uitzicht te genieten, want 5 minuten later trekt het dicht. 


Uitzicht over Cirque de Mafate, één van de drie cirques.


Met de boot veilig in de haven boeken we 2 nachten in Cirque de Cilaos en een nacht in de gîte bij de nog actieve vulkaan: Piton de la Fournaise genaamd. De Hubert de Lisle route wordt gereden om bij Cilaos te komen. Onderweg zien we bij La Chaloupe de kleurige schermen van de parapenters, die hier vandaan vertrekken. Het leuke is dat we ook een boeking voor een tandemsprong hebben staan voor later in de week. We kijken en luisteren naar de uitleg. De bedoeling is als het scherm in de lucht is, je samen met je instructeur een aanloop moet nemen voordat je los bent en zweeft. We zien iedereen nog "lopen" terwijl ze al lang in de lucht zijn. We liggen dan ook krom van het lachen, maar zullen zelf niet veel beter zijn. Aan het eind van de middag komen we in Cilaos aan en het dorp heeft wel iets van de wintersport weg, alleen geen sneeuw. Het ligt op 2300 meter en 's avonds daalt de temperatuur tot 10 graden en liggen we lekker onder de dekbedden. 
De route "la Chapelle" kan vanuit het dorp worden gelopen en kunnen zodoende de auto laten staan. We dalen en kruisen rivieren en komen uiteindelijk in een rivierbedding uit, waar de grot te vinden is. Prachtige rotsformaties en een hoop klauteren om erin te komen. We combineren de wandeling met die naar Ilet a Cordes. Maar puhhh, "leuk" als je vanuit een rivierbedding weer naar boven moet. Als een oud wijf sjok ik naar boven, wat kan anderhalf uur lang zijn! In de brochure stond the hike involves some steep ascents. Gelukkig vergeet je alles snel als je eenmaal boven staat. We pakken de bus die ons weer naar Cilaos brengt. 


De weg naar Cirque de Cilaos.


Uitzicht vanaf Ilet à Cordes, waar volop linzen groeien, die 's avonds op de menu's vermeld staan.


In de zuidoosthoek van Réunion ligt Piton de la Fournaise, de nog steeds actieve vulkaan. De omgeving lijkt op een maanlandschap. Door de recente uitbarsting zijn de meeste wandelingen gesloten, maar een deel van de Passe de Bellecombe kan worden gelopen. We slapen in de enige gîte die hier is, met zoals verwacht een prachtig uitzicht. Er zijn diverse gebouwen, waar meer dan 80 man zijn onderverdeeld. Ons "huisje" heeft 4 vierpersoons kamers en 1 tweepersoons en laten wij nu mazzel hebben en die toegewezen krijgen!! Er zijn gelukkig normale toiletten en geen "longdrop". De maaltijd wordt in buffetvorm geserveerd en iedereen zit aan lange tafels. Ach, het heeft ook wel wat en onze buren zijn leuke jonge Franse mensen. Waarschijnlijk maakt de buitenlucht hongerig, want sommige mensen gaan voor elk gerecht 2-3 keer terug! 

                        

Onze slaapplaats in de GÎte de Vulcan.


Niels in de lucht boven Le Leu.

Op de terugweg slaan we direct onze slag bij de diverse supermarkten: Carrefour, Jumbo, Le Clerc en Score om er een paar op te noemen. 
Op zondag staat het parapenten op het programma. Het is een schitterende dag, maar als we in Le Leu aankomen blijkt onze afspraak te zijn gecanceld. Teveel wind!! Balen, een alternatief wordt geboden voor later in de week, maar dat schiet niet op, want op maandag moeten we de auto inleveren. Om naar Le Leu te komen met de bus is een mijl op zeven. Dan blijkt er nog een opening te zijn later op de middag. We besluiten te wachten en gaan zolang het centrum in. Als we later terugkomen, is de wind acceptabel en kunnen we alsnog! Vanaf 750 meter rennen we elk met onze piloot van de berg en zweven ruim 40 minuten boven het landschap. Het is een mooie afsluiting van een heerlijke week. 


Een luxe self service wasserette in de stad, dat zal een ander verhaal in Madagascar worden.

Maandag gewoon weer aan het "werk". Voordat we de auto terugbrengen zet Niels mij met de nodige kilo's wasgoed af bij de wasserette. Het zijn prima machines en drogers en in mum van tijd is alles schoon. Gelukkig hoef ik niet te sjouwen, want we hebben een soort van oma trolley, waar alles oppast. 
Nog lekker een keer lunchen bij de Hangar en struinen over de woensdagmarkt. De wind voor Madagascar is voor woensdag en donderdag te licht, dus staat het vertrek voor vrijdag gepland. Inmiddels is de rekening voor de marina betaald, uitklaringspapieren met de stempels in de tas. Koelkast en diepvries vol, maaltijden voorbereid, we zijn er weer klaar voor. Morgenochtend bij het krieken van de dag vertrekken we. 
Au revoir Réunion, nous avons apprécié!



zaterdag 7 juli 2018

Mauritius

Juli 2018


Port Louis vanaf Signal Mountain

Het basin waarin we liggen is onderdeel van het Caudan Waterfront, hier vind je het luxe Labourdonnais en Le Suffren hotel en 2 kleine winkelcentra. Heerlijke cappuccino's met gebak, leuke terrassen, we kunnen weer even ouderwets van alles opsnuiven. De omgeving van het waterfront voelt vertrouwd aan. Het doet ons denken aan het Victoria & Alfred Waterfront in Kaapstad, zelfs de heuvels op de achtergrond lijken hetzelfde. Achteraf horen we dat het concept is overgenomen van Kaapstad met dezelfde architecten.
Vergeleken met Rodriques is Maritius met zijn 1,2 miljoen mensen heel druk bevolkt. Waren de inwoners op Rodriques veelal afstammelingen van Afrikaanse slaven, hier op Mauritius is de grootste groep afkomstig uit India. Na de afschaffing van de slavernij waren er te weinig mensen voor de rietsuiker plantages, wat op Mauritius de belangrijkste bron van inkomsten was. Tussen 1834 en 1921 kwam Engeland met het alternatief van zg. contractarbeiders. Het klinkt leuk "contract", maar in feite werden de gezinnen bij aankomst slecht behandeld en in alles werd hen de mond gesnoerd. Alleen al de reis vanuit India was een verschrikking. Veel mensen werden of waren al ziek, zodat ze bij aankomst vaak in quarantaine werden geplaats op een eiland ten noorden van Mauritius. In de oude haven vind je het museum Aapravasi Ghat, waarvan de gebouwen nog deels uit die tijd stammen en de geschiedenis wordt uitgelegd. Wij vinden dit altijd interessant waar we ook zijn, omdat je dit soort dingen niet in onze geschiedenisboekjes tegenkwam. Je merkt ook dat de VOC destijds goedschiks dan wel kwaadschiks een ongelofelijke invloed heeft gehad op de wereldeconomie en geschiedenis. 
Port Louis zelf is een mix van oude koloniale gebouwen en moderne hoogbouw. Het verkeer is een gekkenhuis: scooters, auto's, bussen en voetgangers, even oversteken is er niet meer bij. Daarbij wordt er volop gerenoveerd, zowel in het Waterfront als elders in de stad. Het toerisme is hier een van de belangrijkste bronnen van inkomsten, maar de toeristen zitten veelal in de resorts aan de kust. Het eiland zelf heeft eerlijk gezegd niet zo heel veel te bieden.


Het kleurrijke Caudan Waterfront


De binnenstad van Port Louis.


Banyan bomen met hun luchtwortels in de Kompanie tuinen.

                          

Het lijkt erop dat de zondagen onze wandeldagen zijn. Mauritius heeft enkele bergen (Pitons), om te "beklimmen". Het vinden van de juiste route verloopt niet helemaal vlekkenloos. We vragen diverse keren de weg en het antwoord is steeds "Qui", maar uiteindelijk via een soort geitenpad vinden we dan toch het officiele pad. Het einddoel de top "La Pouce" wordt niet gehaald, want na 4 uur klimmen, klauteren en glijen omdat het geregend heeft vinden we het wel mooi en pakken we de bus terug naar Port Louis. Achteraf blijkt dat het makkelijker kan door de bus naar St. Pierre te nemen en dan via La Pouce naar Port Louis terug loopt. Stond in het boekje hoor, maar we zijn altijd wel een beetje eigenwijs of lezen de dingen achteraf......
De andere wandeling de week erop is beter aangegeven en zien we de haven en de stad vanaf Signal Mountain. De rit was ook via een asfaltweg naar boven, maar met een prachtig uitzicht.


Zoutwinning in Grande Rivière Noir

Met een huurauto rijden we in 2 dagen het eiland rond. Letterlijk en figuurlijk schakelen, met de auto maar ook wennen aan de drukte en rijgedrag. Port Louis gaat via buitenwijken over in Curepipe, wat in het midden van het eiland ligt. Hier bezoeken we de ambassade van Madagascar. We doen wat voorwerk en vragen hier alvast ons visum aan voor Madagascar. Na 3 dagen kunnen we ons paspoort inclusief visum voor 3 maanden ophalen. Het verhaal gaat dat de lokale autoriteiten daar niet vies zijn van corruptie en daar hebben we gewoon een hekel aan. De voertaal is daar ook echt alleen Frans en dat is niet onze sterke kant.
De hele kust van Mauritius is volgebouwd met resorts afgewisseld met huizen, behalve in het zuiden en oosten, daar vind je nog veel armoede en krotten van huizen. Het binnnenland is mooi met groene heuvels en veel, heel veel suikerriet. 80% van de landbouw bestaat uit dit gewas. 


We lunchen bij Le Chamarel gelegen in de heuvels met een prachtig uitzicht naar zee. Het is onze trouwdag (31 jaar 👍) en zoals mijn zus in toepasselijke woorden schreef:"In voor-en tegenwind"
 

Le Chamarel heeft naast een rumstokerij ook de attractie "Terres des Sept Couleurs". Het 1 hectare heuvelachtige terrein is roestbruin. Afhankelijk van de tijd van de dag kan de kleur variëren van geel, oranje, blauw of paars. We vinden de naam mooier dan wat we zien.
We overnachten in een klein hotel bij Le Morne. De volgende morgen doen we de rest van het eiland.



                             

De "Le Morne Brabant" berg heeft een trieste geschiedenis. Ten tijde van de Franse bezetting zochten gevluchte slaven hun heil op deze heuvel. Nadat de Engelsen het bewind overnamen en de slavernij was afgeschaft, gingen Engelse soldaten de heuvel op om met het goede nieuws te vertellen. Onwetend van dit nieuws storten de slaven zich van de berg uit angst weer gevangen genomen te worden. Tegenwoordig is het een onderdeel van de zg. Slavenroute en onder aan de berg vind je het monument en beelden. 


De strandweg naar Souillac in het zuiden van Mauritius.


Vieux Grand Port, het Frederik Hendrik kasteel, of wat er nog van over is.


De Dodo, de Nederlanders noemden hem ook wel de "Walgh Voghel". Medium rare gebakken maakte dat hij nog enigszins te pruimen was. Nu was de mens niet de enige bedreiging van de Dodo in deze periode. Het niet kunnen vliegen, het leggen van maar 1 ei per jaar en andere natuurlijke vijanden hielpen daar een handje aan mee en verdwenen ze voorgoed van het eiland.

De Nederlanders waren de eerste bewoners van Mauritius en besloten het eiland te vernoemen naar Prins Maurits van Nassau. We stoppen nog even bij de landingsplaats, waar ze in 1598 aan kwamen. Lang hielden ze het overigens niet uit op Maritius. Geteisterd door tropische stormen, ziektes en piraten gaven ze de pijp aan Maarten en vertrokken. De Fransen namen het over en bouwden verder op de restanten van het fort Frederik Hendrik. Het in 1998 door Prins Maurits en Marilene onthulde monument bij de landingsplaats, staat er inmiddels vervallen bij. Gelukkig ziet het in Vieux Grand Port gelegen museum er beter uit. 


Terug in de marina horen we van de boot Prins Diamond dat ze in hun laatste nacht op zee de 8 koppige bemanning van een visserboot hebben gered. Brian, de schipper, had via de marifoon een Mayday gehoord, maar niemand, zelfs de kustwacht, reageerden. Het watermakende schip bleek op10 Nm afstand van hen te zijn. Knap staaltje zeemansschap!


Het is relaxed voetbal kijken nu Nederland niet meedoet. Bij hotel Le Suffren zien we de Belgen winnen van Brazilië. Doe ons maar een glas Caipirinha. We zijn voor de Belgen dit toernooi, maar helaas redden ze het later niet in de wedstrijd tegen de Bleus. Deze wedstrijd zien we in Grand Baie bij de Beach House, samen met Lionel en Nathalie van de Franse boot Rokalo. De finale volgen we bij de jachtclub, waar de Franse gemeenschap uit hun dak gaan met de in onze ogen "onterechte" overwinning. 


Een Giant Water Lily in het Sir Seewoosagur Ramgoolam botanische tuin in Pamplemousses

Er zijn maar 2 plekken waar je kunt liggen met de boot, Caudan Marina of voor anker in het noordwest gelegen Grand Baie. Hier brengen we de andere helft van onze tijd door. Het is een prima ankerplek en we worden tijdelijke lid van de jachtclub. Er is een pontoon waar je de bijboot goed kunt achterlaten. De club zelf is alleen in het weekend actief en we zien er de finale tussen Frankrijk en Kroatië. 
Grand Baie wordt ook wel de Cote d'Azur van Mauritius genoemd. Het is er toeristisch en overal word je aangesproken voor een taxi, dagtrip of eetgelegenheid. 
We kunnen merken dat we dichter bij Zuid Afrika komen. Op het eiland herkennen we de nodige ZA bedrijven. Restaurantketens, supermarkt Shoprite met veel ZA produkten en Engen benzinestation. 
Qua gezelligheid moeten we het van elkaar hebben...... De weinige boten om ons heen zijn Amerikanen, waar het contact met een "Hi and Bye" blijft. Sinds Azië hebben we geen Nederlandse boot meer gezien. Er zijn een paar Franse en een Duitse boot, waar we contact mee hebben, maar die zijn een etappe voor ons, waardoor zij vaak vertrekken als wij aankomen. We merken dat we dit contact wel missen. Waar we in de Pacific of tijdens een rally regelmatig met boten optrokken, een borrel dronken of iets op een strandje organiseerde ontbreekt dat hier.
We hebben inmiddels Mauritius wel gezien en het wachten is op wat minder wind om de oversteek naar La Reunion te maken.